Serooskerke in oude ansichten deel 2

Serooskerke in oude ansichten deel 2

Auteur
:   B. Coomans
Gemeente
:   Schouwen-Duiveland
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4642-5
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Serooskerke in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

~roet uit )erooskerk~

21. Op deze plaat laat de oudste school van Serooskerke zich nog eens van dichtbij bekijken, terwijl we rechts ervan zowaar een glimp opvangen van het na de ramp gesloopte gemeentehuis. AIlereerst gaat het hier echter om de kinderen en leiding van zondagsschool "De Zaaier", Dank zij het getoonde leitje weten we dat de opname op 24 november 1917 gemaakt werd. Het was een hele puzzel eer we (bijna) alle namen op papier hadden, maar zeventig jaar terug in de tijd is niet niks.

Vooraan zien we, van links naar rechts: Comelis van Gorsel, een jongen Van der Have, Leendert Jonker, Grietje Verboom, een meisje Van der Meet, Corrie van den Houten, Koos Hanse, Neeltje Hart, Maartje Hart, een dochter van Van der Have, een onbekende, een meisje Geleijnse, Corrie Landegent en Keetje Kloet.

Naast het meisje met het witte schortjurkje staan achtereenvolgens: Koos van den Bos, Marie Hanse Adr., Jannetje Polderman, Kaatje Verboom, Rina Stoel, Koos Bakker, Grietje van der Have, een onbekende, Corrie Bakker en een ventje Van der Have.

Uiterst links, met baard en fraaie pet, staat zondagsschoolleider Dirk Verboom en in de rij naast hem: een jongen van Oosse, een onbekende (achter), zondagsschooljufSjaan van Teeling, een onbekende, Corrie van Graafeiland, Janna van den Berge, Jo van den Hoek, Dirkje Kloet, Johanna Bodbijl Mdr., Jo Legemate, Mina Minders, Rikus Bodbijl, Leendert Bodbijl, Kees van den Houten, Maarten Dalebout en Marien de Jonge "uut de weie".

Daarboven vanaflinks: Willem Bakker, Adrie Polderman, Leendert Bakker, Willem Berrevoets, Piet Hart, Willem van den Bos, Adriaan Geleijnse, Koos van den Berge, Jan Hart, Pieter van der Velde, Hendrik Kloet, Martinus Legemate, Koos van Strien en dominee A.C. Diederiks.

Helemaal bovenin, van links naar rechts: Pie van den Berge, Lena de Jonge, Johanna van de Zande, Jans Jonker, Pie Dalebout, Lina Pols, Lina Berrevoets, Johanna Bodbijl, Antje Berrevoets en Marie Verboom. Hoewel ze moesten, ging de jeugd best graag naar zondagsschool. Er was toch al zo weinig te beleven in het dorp. Elke week leerden ze een versje en als ze dat goed opzegden kregen ze een mooi prentje. Na 25 plaatjes ontvingen ze een boekje. Verder werd er een verhaal verteld en zongen ze liedjes. Met kerst dronken ze chocolademelk en was er een cadeautje. Dat was voor de kinderen de gezelligste tijd.

22. Van deze foto werden in 1931 door S. Ochtman en Zoon te Zierikzee 500 ansichtkaarten gemaakt. Opdrachtgever was bakker C. Reinhoud, die meest rechts op het plaatje zijn winkel had. Zijn voorganger was Van der Have en na hem stond zoon J.D. Reinhoud er in de later afgebroken bakkerij. De opname laat duidelijk zien dat ook in Serooskerke de automobiel zijn intrede had gedaan.

Zoals het een goed smid betaamde, smeedde M. Polderman het ijzer toen het heet was en startte met de verkoop van benzine. De pomp is achter de voorste auto van J. Gast uit Zierikzee net te zien. Polderman was een prima vakman, die vooral het vervaardigen van siersmeedwerk goed beheerste. Ook het gewone werk moest echter gebeuren en samen met wagenmaker Prince maakte hij de eerste Schouwse "eenheidswagen" , de opvolger van de oude Zeeuwse menwagen. Hij zorgde ook voor de ijzeren banden om de door Prince gemaakte houten wagenwielen en een daarbij gebruikte grote ronde steen ligt nu nog voor de oude smidse. Rechts achter is onder meer de uitspanning van toen W. van den Berge te zien. Getuige de "kapkarre" en het rijtuigje onder de bomen, deed de herberg zijn naam toen ondanks de opkomst van de auto nog steeds eer aan. Kerk en toren waren dringend aan een opknapbeurt toe, maar dat zou pas vele jaren later gebeuren.

Zomaar een toepasselijk oud rijm:

DeSmit

Besteed uw vlijt, Ter rechter tijd.

Het Eiser gans doorgloeid met vuur, Is nu bewercksaam van Natuur; Dan is het tijd van Fatsoenneere:

o Mens, bewerckt soo uw Gemoed, Ter goeder tijd van's Leevens gloed, Dat u geen naa berouw turbeere.

23 .... met een pennestreek is Serooskerke, de kleinste zelfstandige gemeente van Nederland, van de kaart geveegd. De burgemeester heeft zijn ambtsketen afgelegd en het gemeentehuis is voorgoed gesloten ... Aldus de aanhef van een artikel in het ter ziele gegane weekblad De Spiegel, waarin aandacht werd besteed aan het opheffen van de gemeente Serooskerke, toen op 1 januari 1961 de gemeentelijke herindeling op Schouwen Duiveland tot stand kwam. In het blad kwam onder andere J. de Blonde aan het woord. Hij was toen met zijn 93 jaar de oudste inwoner van de gemeente. De jongste en als laatste in Serooskerke ingeschreven burger was de op 12 december 1960 geboren Anita Koopman. Op het moment van samengaan met de andere Westhoekdorpen, telde "Seeskerke" 189 zielen (90 vrouwen en 99 mannen). J. Klompe, boer op de hofstede "Welgelegen", was van 1955 tot 1961 de laatste (waarnemend) burgemeester.

De Spiegel plaatste indertijd een leuk kiekje van het vroegere gemeentehuis bij de tekst. We konden het helaas niet voor dit boekje gebruiken en daarom haalden we uit het elders aangehaalde plakboek van "domenie" Van der Grift nevenstaande opname. We zien daarop het gemeentehuis met rechts aan de muur het "plakkebord" en boven de deur de vlaggestok, waar eens op feestdagen de driekleur zo vrolijk wapperde. Op de dag van de foto was daar wat het gebouw betreft geen reden toe, want het stond op het punt te worden afgebroken ten behoeve van een beter uitzicht (?) op de gerestaureerde kerk. Er schuilt wel enige symboliek in het feit dat de kerktoren op de achtergrond die dag het vlaggen reeds van het gemeentehuis had overgenomen, zij het vanwege het door de werklui bereiken van het hoogste punt tijdens de opknapbeurt. Jammer eigenlijk dat het oude "gemeente-uus" en daarmee vele herinneringen, zo makkelijk werden prijsgegeven,

?????

24. Wie in Serooskerke wist dat de noordkant van het Dorpsplein, hier in beeld, vroeger de "Meziekstraete" genoemd werd? Een enkeling wellicht. De oorsprong van die benaming gaat terug naar circa 1920, toenbedoelde weg als eerste in het dorp bestraat werd met klinkers. Men was daar best blij mee, ook al had de aannemer er tweedesoort stenen voor gebruikt, terwijl dat volgens ingewijden toch echt niet de be doe ling was. Er zat dus duidelijk een luchtje aan dat karwei, ofwel "d'r zat meziek in" en vandaar de "Muziekstraat". .Vrouw Teeling" , links in de schaduw, wist er alles van. Ze was getrouwd met "baas Teeling" , afkomstig uit Numansdorp en derhalve "pratend". De wat aparte P. van Teeling was behalve postloper en lantaarnopsteker ook schoen- en gareelmaker in het dorp. Hij hielp ook weI dorsen bij landbouwer W. Korsten in de Zandweg. Soms wilde hij vanwege het stof "aolef't schoft" (half de morgen, bijvoorbeeld) al stoppen met werken. "Ik wil hier niet sterven!" riep hij dan, maar met een borreltje was hij dan weI weer te paaien. Achter mevrouw Van Teeling zien we de school met de overdekte speelplaats en aan de andere kant van de weg vinden we vanaf rechts de woning van timmerman Beije en het postkantoortje van het echtpaar G. van der Schelde-Tangeman. Daarnaast liep een slopje, waarlangs men via een houten bruggetje op het "lange pad" kwam. Dit was een "kerkepad" , dat zich westwaarts door het land slingerde.

In het grotere huis op de foto woonde onder meer J .A. Kostense en daarachter ontdekken we nog net het schoenwinkeltje van G. van der Schelde. De woning met de witte gevel was van J . Berrevoets en zijn vrouw P. .Pakhout" van de Velde. Berrevoets was landarbeider en zondags "stokman" in de kerk. Met een stok maande hij al te onrustige kinderen tot kalmte, hetgeen hem de bijnaam "Jan Stok" opleverde.

25. Jo de Jonge, de hier op de achtergrond zichtbare schildersknecht van P. van Popering, kwam er niet voor van de ladder, maar Mientje de Rijke en Jan Stoel hielden de autoped even stil om op de foto te gaan. De straat achter hen is dezelde als die van de vorige bladzij, maar nu 25 jaar later, medio 1950. Ret pand vanaf de hoek tot de derde schoorsteen was eerst in zijn geheel van schilder J. Stoel, de opa van Jan op de foto. Later maakte men er twee woonruimten van. Achterin woonde tijdelijk de familie C. de Rijke, waar ook Mientje bij hoorde. Door het rechter raam keek je in de schilderswinkel van Stoel. Zoals velen in die tijd had ook hij, vooral 's winters, diverse bijbaantjes. Zo was hij in het najaar "peetareerder" bij de tramhalte te Renesse.

Daar vlak bij (nu Esso-station), had L. van de Repe zijn smidse, waar hij ook fietsen verkocht. Toen Stoel eens stond te kijken bij het uitpakken van een nieuw rijwiel zei hij schertsend: .Dae geef 'k nog we dertig gulden v6." ,,'Ouw je je woord?" vroeg Van de Repe. "Jae't," zei Stoel. Waarop de smid kaatste: "Dan 'ouw ik de fiets!" Stoel was ook gemeentebode, penningmeester van het "errembestuur" en koster. Zijn muzikaliteit leidde tot het directeurschap van de "zang" en het bespelen van het harmonium in de kerk. Menigmaal improviseerde hij daarbij op minder bekende volkswijsjes, zonder dat men dat direct door had. Samen met zijn vrouw H. Stoel-Nuijens hield hij ook school- en kerkgebouw schoon en zorgde daarbij nog voor de warme turfstoofjes voor het kouwelijke kerkvolk. Wat hebben de kosters van tegenwoordig het dan gemakkelijk!

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek