Serooskerke in oude ansichten deel 2

Serooskerke in oude ansichten deel 2

Auteur
:   B. Coomans
Gemeente
:   Schouwen-Duiveland
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4642-5
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Serooskerke in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

26. "Noe of nooit!" moet Sientje Pols gedacht hebben toen ze de fotograaf gewaar werd en ze ging er eens goed voor staan. Ze was een nichtje van bakker C.T. Pols, die op de stoep voor zijn winkel staat. Links daarvan bevond zich het cafe van J. Boot, waar Pols via "d'n achteromme" graag een borreltje mocht gaan drinken. Achter de bakker zien we de kruiwagen waarmee hij over de vooral in het najaar slecht begaanbare wegen zijn brood rondbracht in en buiten het dorp. Naast de bakkerij had smid J.J. Pieterse toen, rond 1910, zijn werkplaats. Misschien staat hij wel mee te gluren door de ruitjes van de openstaande deur. Voor de "smisse" ligt de elders al besproken molensteen waarop de ijzeren banden voor de houten wagenwielen werden vervaardigd. De steen is er nog. De "strevalje" voor het beslaan van de boerenpaarden helaas niet meer. Ook aan de andere zijde van de dorpssmederij was een bakkerij en wel die van C. Reinhoud. Daar weer naast, op het hoekje, woonde wagenmaker J .A. Prince. AIle in dit rijtje wonende vroegere .middenstanders" moesten natuurIijk ook klanten hebben en die vonden zij onder meer in de huisjes op de achtergrond. Van links naar rechts waren die toen bewoond door: metselaar J. van der Werf, P. Thomson, meester Barentsen, P. Minders die kleermaker, kapper en barbier was, J. van Graafeiland, de weduwe J. Bezuijen en J. Berrevoets. Inderdaad, ook dit gezelschap telde weer twee neringdoenden. Ondernemend was men weI toentertijd, je moest weI!

27. Op zaterdag 14 mei 1909, een stralende voorjaarsdag, vierde men in Serooskerke op gepaste wijze de geboorte van prinses Juliana. De feestelijkheden bestonden uit toneelspel op een boerenwagen, allerlei kinderspelen en de gebruikelijke optocht van versierde fietsen, karren en "men- en veerewaegens". Jan en alleman liep uit, want feestvieren was een van die dingen waarin een klein dorp groot kon zijn. Muziek hoorde er natuurlijk ook bij en omdat men zelf geen fanfare of harmonie rijk was, liet men het "Ouwendiekse" gezelschap "Kunst na Arbeid" aantreden. Hierin speelde in de loop der tijd ook een aantal Serooskerkenaars. C. van der Have was toen "directeur" van het korps. We zien hem reehts van het vaandel, aan zijn linker zijde geflankeerd door aehtereenvolgens C. van de Velde, Joh. Goemans, havenmeester M. Beije en C. Hanse. Juist voor de grote trommel staat herbergier-landbouwer J. Boot.

Gezien de door genoemde heren gedragen versiersels, maakten zij deel uit van de feesteommissie en waren derhalve belangrijke mensen. Gewichtig voelde zieh vast ook rijksveldwaehter 1. van Gorsel, reehts van het boogpoortje. Met zo'n uitmonstering m6est hij weI gezag uitstralen, al hoefde hij het toen nauwelijks te gebruiken. Van relletjes bereikten ons namelijk geen beriehten.

28. Nationale feestdagen waren vroeger de gelegenheden waarbij het verenigingsleven zich kon manifesteren. Iedere club leverde zijn eigen versierde wagen voor de optocht en er was altijd wel een of ander groepje dat een uitvoering ten beste gaf. Ook Serooskerke met zijn toch geringe aantal inwoners, had een paar bloeiende verenigingen. Zo was er een rederijkerskamer (toneelclub) en kende men er sinds 1912 het gemengd koor "Zang Veredelt" , waarvan burgemeester J. Schooff beschermheer was. Toen de weduwe L. de Oude-Kosten haar ,,tOO-sten jaardag" vierde, schonk zij "Zang Verveelt" (zoals men wel zei) een prachtig vaandel, dat nu te bezichtigen is in het gemeentehuis van Westenschouwen.

Het dorp was ook een mondharmonicavereniging rijk, waarvan Wim Hart de belangrijkste grondlegger was. "Oefening Baart Kunst" repeteerde 's maandags, eerst in de school, later in het cafe van Boot. De contributie bedroeg 10 cent per week, waarvan men bij Weltevreden in Zierikzee nieuwe instrumenten kocht. Een "C-tje" kostte f 2,10 en een "G" 30 cent meer. Eens per jaar gaf men in de herberg een uitvoering met toneel. Na een generale "kinderrepetitie" op vrijdag, speelde men de eerste avond alleen voor donateurs, waarna een week later iedereen toegang had. Ook op feestdagen was "O.B.K." present.

Bijgaande foto van de ,,'arpeclub" werd gemaakt toen men in 1938 het veertigjarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina opluisterde. We zien vanaflinks: Simon Berrevoets, Piet de Rijke, Cor de Rijke (voorzitter), Hendrik Bodbijl, Leendert Straaijer met grote trom, Han Prince (achter), Cente Boot met z'n "opein-toe-dienk", Kees Boot (achter), Bram de Rijke, Jaap Kloet, Wim Hart en Jan Kloet.

Leendert Hanse uit het Molenweegje, geheel rechts met hoed, sloeg geen concert van het gezelschap over. Na de ramp kwam een aantalleden van de club nog een keer bijeen, maar "O.B. K." werd toen toch opgeheYen. Het kasrestant stelde men beschikbaar voor een ijsfeest. En de ,,'arpjes" ... ? Met de muziek mee waarschijnlijk.

29. Op 14 augustus 1923 stuurde Betje Verboom deze ansichtkaart aan de toen in de Watergeusstraat llSa te Rotterdam vertoevende Corrie Linders. Beide Serooskerkse meisjes konden het op de kaart afgebeelde dorpsgezicht weI dromen en ze wisten dan ook beslist weI dat het gebouwtje links de schilderswinkel was van P. van Popering. Later verhuisde hij naar een andere woning in hetzelfde rijtje en verkocht zijn huis aan metselaar C. van de Velde.

Achter de leibomen ernaast woonde de weduwe L. Hanse en daarachter vinden we het "erremuus". Op de hoek zien we verder het cafe van Van den Berge en aan de overkant van de weg dat van Berrevoets. Ais je teveel tijd en geld aan "d'n toog" van deze drinkgelegenheden spendeerde raakte je ongetwijfeld "an d'n erremen" en dus in het zo even vermelde huisje. Een verblijf in dit woninkje had echter meestal andere oorzaken, zoals werkeloosheid of hulpbehoevendheid wegens ziekte of ouderdom.

Rechts naast cafe Berrevoets had bakker Pols zijn nering en helemaal aan de rand van de foto zien we nog de smederij van de sterk brouwende smid Pieterse. Ais we nu het Dorpsplein iets verderop lopen, kunnen we de bakkerij van Pols eens wat beter bekijken ...

30. Van dichtbij, en eerlijk gezegd ook flink wat later in de tijd, aanschouwen we hier de bakkerij annex kruidenierswinkel van de in dit boekje al vaak genoemde C. T. Pols. De vanzelfsprekend nog echt warme bakker mocht graag iemand in het ootje nemen. Volgens overlevering moest hij eens voor worstebroodjes zorgen toen het "mossegilde" 25 jaar bestond. Een van de door hem gebruikte ingredienten bleek een dosis humor te zijn, want toen een van de leden een broodje aansneed, bleek er een "dooie mosse" in te zitten. Ook schijnt een van de aanwezigen zijn tanden in een stukje "aekmuste" gezet te hebben.

Terug nu naar de foto, waarop we geheellinks het gangetje zien waardoor de "musters" voor de oven naar de achter gelegen houtschuur gedragen werden. De reclame op de gevel spreekt, zoals dat hoort, voor zich, Uiterst rechts de twee ramen van de bakkerswoning, waarvan geruime tijd een gedeelte verhuurd was aan de onderwijzeressen Bijlo en Van de Zande. De tekst op de winkeldeur bewijst dat ten tijde van de opname het bedrijfvan Pols al was overgenomen door C. Berrevoets. Een van diens knechts was P.C. Kooman, die na de oorlog te Moriaanshoofd een eigen bakkerij met winkel ging drijven en ook in Serooskerke nog klanten bezocht.

Na Berrevoets had J. ter Poorten alleen nog een winkel in het pand hiernaast. Na de ramp stond het lang leeg en het werd later verbouwd tot een dubbel woonhuis. Opnieuw ging een van die aardige dorpswinkeltjes teloor.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek