Sint-Philipsland in oude ansichten deel 1

Sint-Philipsland in oude ansichten deel 1

Auteur
:   J.P. Kunst-Verwijs
Gemeente
:   Tholen
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4456-8
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Sint-Philipsland in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Sint Philipsland, eeuwenlang het kleinste van de Zeeuwse eilanden, was tot de zestiende eeuw slechts een gebied van uitgestrekte schorren, slikken en zandplaten, doorsneden door meest ondiepe kreken. De hoogst gelegen en begroeide schorren werden soms beweid met schapen, die eigendom waren van een of ander klooster te Bergen op Zoom. In de vijftiende eeuw behoorden zij aan Filips van Bourgondie, de bastaard, die ze in 1496 liet indijken. Deze bedijking besloeg ongeveer de tegenwoordige Oude Polder, waarin het dorp is gelegen. Het eerste dorp lag echter meer oostelijker. In deze polder verrees spoedig een kerkje dat werd gewijd aan de apostel Philippus; het dorp heette toen Philipskercke.

Met de voltooiing van de bedijking was ook de strijd tegen het water begonnen. In 1511 en 1530 werd de polder overstroomd, doch al spoedig weer bedijkt. Erger was de toestand in 1532 toen bij de Sint-Felixvloed het eiland wederom geheel werd overstroomd. Deze beruchte vloed bracht aan de niet al te sterke waterkeringen zulk een slag toe, dat de schade niet meer kon worden hersteld. Sindsdien was het eiland "drijvende", dus overgeleverd aan eb en vloed. Pas in 1645 werd het eiland weer bedijkt en opnieuw bewoond, waarbij het dorp op zijn tegenwoordige pIaats werd herbouwd. De eerste opbouw besloeg een rechte straat, de Voorstraat. Hieromheen is het dorp dan in Iatere tijden uitgebreid.

De bewoners Ieefden toen weI erg geisoleerd, want een verbinding met Brabant was er niet. De meest zekere verbinding was nog die per schip via Sint Annaland op Tholen. Meerdere malen is gepoogd een

dam te leggen, hetzij naar Brabant, hetzij naar Sint Annaland. Aanvankelijk was wel over het SIaak naar Brabant een primitief "pad" uitgezet met palen, waaraan dwarshouten bevestigd waren waarop men kon vIuchten aIs men door opkomende vloed werd overvallen. Maar ongevaarlijk was een tocht over dit pad met; meermalen zijn mensen omgekomen die door mist verrast werden. In de negentiende eeuw werd een provisorische slikdam aangelegd, die in I 85 8 werd vernield. Meer dan een modderige weg was dit daarna niet. Kon het vervoer met met wagens geschieden vanwege de slik, dan werden sIeden gebruikt. Er bestond toen echter toch al een bodedienst op Bergen op Zoom. Bode Van Oeveren was deze dienstverlening begonnen per. .. kruiwagen, later per hondekar en paard en wagen.

De verlossing uit het isolement kwam in 1884 to en de SIaakdam werd aangelegd. In 1900 kwam vervolgens de stoomtramdienst Steenbergen-Anna Jacobapolder (veer op Zijpe in Schouwen-Duiveland) en in 1938 de nieuwe rijksweg langs het dorp naar dat veer. Tengevolge van de aanIeg van het Schelde-Rijnkanaal, waardoor de haven van Antwerpen een kortere verbinding met de Rijn krijgt via de Eendracht langs Tholen, zal de Slaakdam worden doorgestoken en de verbinding met het vasteIand wordt dan een brug. Verder is er een dam aangelegd naar het eiland Tholen, welke in de toekomst een betere en snellere verbinding met dat eiland zal geven. In de loop der tijden werd Sint Philipsland met verschillende nieuwe polders uitgebreid. Allereerst in 1776 met de Henriettepolder (de Nieuwe Polder). Dan lagen tussen de Oude en Nieuwe Polder

en de Polder Bruinisse sinds eeuwen schorren en slikken, bekend onder de naam Rumoirt en Nicke.

In dit gebied is geschiedenis gemaakt toen de Spanjaarden in 1575 met vijftienhonderd man, onder bevel van Mondragon, van Sint Annaland in schuiten overstaken naar Sint Philipsland om vervolgens via genoemde schorren het ondiepe Zijpe door te waden met buskruit en proviand om de hals hangende. Na de bezetting van fort Rumoirt en de overgave van OostDuiveland volgde het beleg van Zierikzee. Verder had in deze contreien in 1631 de slag in het Slaak plaats tussen Zeeuwse en Spaanse vloten, waarbij laatstgenoemde werden verslagen.

Het zou tot 1847 duren voordat tot bedijking van voornoemde schorren werd overgegaan. Daarna ontstonden de Kramerspolder en de Anna Jacoba-polder; de eerste vernoemd naar de toenmalige burgemeester van Sint Philipsland, de tweede naar de vrouw van de bedijker W.F. del Campo genaamd Camp. Aanvankelijk behoorden de polders tot de gemeente Bruinisse, maar in 1867 kwamen zij bij Sint Philipsland. Zo ontstond langzamerhand daar het gehucht Anna J acoba-polder, mede door de vestiging van aangetrokken arbeidskrachten uit Zuid-Beveland en Zeeuws-Vlaanderen. In 1859 werd het Willemspoldertje bij de Veerhaven ingedijkt en in 1908 de aangeslikte gronden ten oosten van de Slaakdam; daar ontstond toen de Prins Hendrikpolder. Drie jaar later zou deze polder door de stormvloed van 30 september 1911 geheel invloeien. Tenslotte werd in 1934 nog een klein poldertje in werkverschaffmg ingedijkt, de Abraham Wissepolder, ten westen van de Kramerspo1der. Tijdens de tweede

were1doorlog werden de Kramers-, Anna Jacoba- en Prins Hendrikpolder door de Duitse bezetter ge inundeerd.

Bij de grote ramp van 1 februari 1953 werd geheel Sint Philipsland (behalve de Prins Hendrikpolder) zwaar getroffen. Vooral de Oude Polder, daar de dijk hier op vele plaatsen wegsloeg. Aan het feit dat het dorp tegen de dijk is gebouwd, is het te danken geweest dat hierbij niet meer dan negen slachtoffers te betreuren waren.

Door de eeuwen heen is de landbouw (aardappelen, granen, zilveruien) voor de "F1uplanders" feitelijk de enige bron van bestaan geweest. Ook zijn er op het dorp altijd vee1 schippers gevestigd geweest. Daar door de agrarische mechanisatie de werkgelegenheid verminderde pendelen er thans vele arbeiders naar de havens en fabrieken te Rotterdam en omgeving. Beziet men oude kaarten van Zeeland dan is Sint Philipsland een nauwelijks te vinden eilandje. Het werd in 1486 ter bedijking uitgegeven in vier kwartieren. Dat waren de schorren Roosenboom, Ruucstoppelen, die Wee1de en Graefnisse ook wel genoemd Betkinsland.

Zoals reeds vermeld, moet dan in het oude Philipskercke een kerkje gestaan hebben, toegewijd aan de apostel Philippus. Na de grote vloed van 1532, waarbij het gehele eiland werd overstroomd, kwamen er eerst in 1645 weer bewoners. Daar de reformatie in de Republiek der Verenigde Nederlanden inmiddels was doorgebroken, kwam er te Sint Philipsland ook een reformatorische kerk, de hervormde gemeente.

1.

2. Wanneer bij zomeravond een concert werd gegeven op de muziektent was het witt gezellig. Het halve dorp, vooral de jeugd, liep dan uit om mee te genieten. Nu zien we er alleen twee bakkersleerlingen: Cees de Raat en Machiel Stols. Op de achtergrond het oude gemeentehuis. Bij de ramp 1953 is dit alles verdwenen.

...?. H. Kerk met laantje te St Fi.li?s~anc·

-'''I'''~-

'. ' ., ....

....... .

.,

.,,, ,

. ..:... ..'

, .

, ... ~.

3. Ret mooie Kerk1aantje omstreeks 1920. Oud-postmeester Jan Kunst staat op het dammetje waarover men in het Kerk1aantje kon komen. Aan weerskanten van de dam ligt een sloot. Rechts zien we de hervormde kerk en gehee1 op de achtergrond het huisje van Bram QUist en Johanna Bijl. Ret huisje had een onder- en bovendeur.

4. De Voorstraat tussen 1920 en 1930 met op de voorgrond "de juffrouw van de dominee" (L. Boone). Verder zien we bakkersknecht Kees de Raat, mejuffrouw P. Boone, Maatje Boone-Verwijs met dochtertje, Betje Noorthoek, Johanna Kaashoek en bakkkers1eerling Machiel Stols.

·ST. PHILlPSLAND. VOORSTRA':'T.

5. De Voorstraat rond 1928 met rechts bakkerij De WaaI en het oude cafe "De Druiventros". Wat naar achteren staat de smidse van Flip Verlinde, met voor de deur de travalje. De vrouw op de achtergrond, in Fliplandse dracht, is vrouw Guiljam van de schaapherder.

6. Deze kaart dateert van 1900. Rechts het huis van de dokter dat nog niet was opgetrokken. Het middelste gedeelte van de straat is niet geplaveid. Op de voorgrond staat schilder D. van Splunter, in de volksmond "Dirk Splint".

7. Het was een fraai gezicht aan de zeedijk als de schepen achter de dijk lagen. Dat kan nu nooit meer vanwege de verzanding en nu men met de Schelde-Rijnwerken is begonnen, is het helemaal uitgesloten. Het eerste schip was van Kees den Braber, het tweede van Marien Reijngoudt en het derde is "De Vertrouwen" van Lauw Faasse. Op de achtergrond ligt de schuit van de gebroeders Van Oeveren.

ST. PHiLIPSLAND. - VOORST~AAT

8. De Voorstraat genomen vanaf de dijk zodat de hervormde kerk op de achtergrond staat, Op de voorgrond zien we W. Kramer, Jannetje Kaashoek-Gunter met zoontje Jan en (met haakrnuts) Keetje Meijer met haar twee kleindochters Keetje en Lena Verhage.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek