Sint Maartensdijk in oude ansichten deel 1

Sint Maartensdijk in oude ansichten deel 1

Auteur
:   P. Jasperse
Gemeente
:   Tholen
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4455-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Sint Maartensdijk in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

In 't voorleden ligt het heden, in het nu, wat worden zal.

W. Bilderdijk

Aangezien het tegenwoordige niet geheel is te overzien als men de voorgeschiedenis niet kent en het kort geledene heenwijst naar hetgeen komen gaat, worden, als inleiding voor dit boekje "Sint Maartensdijk in oude ansichten", eerst en op het eind wat foto's getoond, die het bovengenoemde aanschouwelijker maken.

Sint Maartensdijk heette in aanvang Haastinge, waarvan wordt aangenomen dat het een afleiding is van de Haastee, het water dat later de naam Pluimpot kreeg. De plaats was gelegen in de polder Overbordene, in 1277 reeds genoemd en gelegen "over de boorden" van de Haast-Ee. De Overbordenes hadden hier het eerste grondbezit dat later op de Van Borselens overging.

Uit de literatuur blijkt dat tussen deze twee families geen al te beste verhouding heeft bestaan. De kinderen van Pieter Geronx van Overbordene hebben blijkbaar ook de gunst van de graaf moeten missen, daar in 1353 hun goederen en bezittingen aan Floris van Borselen kwamen, het slot inbegrepen,

Daarbij kwam nog dat een broer van Floris van Borse-

len, Frank genaamd, het ambacht in 1368 kocht van Albrecht van Beieren, zodat de Overbordenes nadien wel geen bezit hier meer gehad hebben. Op het slot werden soms gewichtige zaken behandeld. Het huwelijk van Frank van Borselen en Jacoba van Beieren werd in 1433 te Sint Maartensdijk bevestigd, hoewel het reeds in 1432 was gesloten. Dit was de vierde huwelijksverbintenis van Jacoba. Zij overleed op 8 of 9 oktober 1436.

Het "dorpekijn" Sint Maartensdijk is nog vermeld in 1374 en de mogelijkheid bestaat dat het in 1389 reeds een stad was. De stadsrechten werden echter pas tussen 1470 en 1490 verleend. De Van Borselens hebben zich voor de ontwikkeling van Sint Maartensdijk behoorlijk ingespannen.

De Maartenskerk, thans de hervormde kerk, werd gebouwd, alsmede een raadhuis en een haven met spuikom werd gegraven. Gelet op de grootte van het marktplein werd daarvoor een behoorlijke oppervlakte grond beschikbaar gesteld. Ook werd een liefdadigheidsinstelling, het Kapoenhof, gebouwd, voor de verzorging van "zes paer oude mannen". Dit Kapoenhof stond halverwege - en aan de noordzijde van - de tegenwoordige Molen die voordien de dijk van Sint Maarten heette; volgens sommigen is de naam "Sint Maartensdijk" hieruit ontstaan. Na de verkrij-

ging van het stadsrecht mochten omwallingen met grachten worden aangebracht, afsluitbaar door mid del van de daarin aangebrachte poorten. Aangezien Sint Maartensdijk de status van "smalstad" had verkregen, kon geen afvaardiging van ingezetenen voor deelname aan vergaderingen van de Provinciale Staten plaatsvinden.

Het leven van alledag heeft zich vanaf het prille bestaan van de sma1stad voltrokken tussen "de vesten met poorten" en "achter de walle" met de P1uimpot als begrenzing. Bij de uitbreidingen, waarbij ook krotopruiming in het begin van deze eeuw een rol heeft gespeeld, werd geleidelijk aan de beslotenheid doorbroken.

Nieuwe wijken, zoals het Kaadje (Oostsingel), Onder de Molendijk (Zuidsingel), het Bosje (Wilhelminastraat) en de Bosstraat, zijn tussen 1912 en 1919 ontstaan. Deze wijken worden genoemd omdat daar vee1 woningwetwoningen werden gebouwd. De to en opgerichte woningen aan de Bosstraat en Singel zijn kort ge1eden wegens afschrijving gesloopt. Nu op maandag 17 februari 1975 door het gemeentebestuur van Tholen werd besloten om de eilandbestuurszete1 te Sint Maartensdijk te vestigen, kan worden gezegd dat de inspanning van de Van Borselens uiteindelijk nog vruchten heeft afgeworpen.

Verder ingaan op de geschiedenis van Sint Maartensdijk ligt feitelijk buiten de strekking van het hierna volgende, zodat met deze korte samenvatting wordt volstaan.

Aan de ve1e vrienden, steeds bereid tot medewerking bij de totstandkoming van dit boekje, zeg ik nog mijn hartelijk dank.

Afgebeelde personen moeten steeds gelezen worden van links naar rechts en van boven naar beneden.

1. Sint Maartensdijk, met de daarbij behorende polders, omstreeks 1900. De dik getrokken lijn geeft de scheiding met de omringende gemeenten weer. Links onderaan is het slik met de laagwaterlijn van de Oosterschelde aangegeven. Sint Maartensdijk was oorspronkelijk een apart eilandje met als grenzen: de Oosterschelde, de Haast Ee (Pluimpot), de Winkel Ee en de Holvliet "tot den halve diepe".

2. Sint Maartensdijk in vogelvlucht en aanzicht, zoals deze voorkomen in de "Cronyk van Zeeland" door M. Smallegange (1696). Het aanzicht toont een ommuring met aan de rechterzijde het slot van de Van Borselens, in de volksmond beter bekend als het slot van Jacoba. De plattegrond geeft de verdere beveiliging weer, bestaande nit de West Vest, een gedeelte Pluimpot en de Oost Vest. Hierin is - links in het midden - de verdedigbare waterpoort gebouwd, links onderaan de oostelijke hekpoort en rechts, bij de ontmoeting van West en Oost Vest, de noordelijke hekpoort. De Markt, Oudestraat, Hazestraat, Korte Vest, Schoolstraat, Kaaistraat, Haven en de vroegere spuikorn - voor het op diepte houden van de haven - komen heden in Iigging en vorm nog met de vroegere situatie overeen.

3. Het interieur van de hervormde kerk, v66r het aanbrengen van de elektrische verlichting, omstreeks 1925. Links in het midden staat de preekstoel met de zogenaamde tuin daaromheen. In de voorwand van de tuin is de voorlezersstandplaats en verder, op de begane grond, zien we de in diverse richtingen gegroepeerde zitbanken. Op de achterzijde van de foto komt het onderste gedeelte van het orgel voor en boven de zitbanken hangen twee lichtkronen van de vroegere petroleumverlichting. In het zijkoor van de kerk is het restant te zien van de graftombe van Floris van Borselen en zijn echtgenote Oede van Berghen. Eerstgenoemde is overleden in 1422, zijn echtgenote in 1420. Verder zijn nog te bezichtigen het grafmonument van C. Liens, diverse grafzerken met insctipties, evangelistensymbolen op de hoeken, pilaarbeschilderingen, wand- en tekstborden. Op een der tekstborden komt het niet meer in gebruik zijnde woord "halsterck" VOOL De gehele tekst van dit bord luidt als volgt:

Abraham geloofde den Heere en dat rekende hij hem tot gerechtigheyt, Maar sonder geloove ist onmogelijck Godt te behagen,

want wie tot Godt compt die moet gelooven dat Godt is

ende dat hy den genen die hem soecken loont.

Siet wie halsterck is die en sal geen ruste in sijnder herten hebben want de rechtveerdige levet sijns geloofs.

4. Het interieur van de hervormde kerk na het aanbrengen van de elektrische verlichting. Op de kapitelen van de pilaren aan de linkerzijde komen bladmotieven voor. Het onderste gedeelte van de foto laat een stukje van het hekwerk aan de voorzijde van de galerij zien, die bij de restauratie in 1957 werd verwijderd. Het orgel bleef in de reeds bestaande vorm gehandhaafd.

5. Het Kapoenhof, de vroegere standplaats van het op 15 juli 1691 afgebrande Kapoenhuis. Het Kapoenhuis werd door Frank van Borselen, toen zijn vader Floris van Borselen in 1422 overleed en eerstgenoemde opvolger werd, gesticht. Het gebouw was bedoeld als liefdadigheidsinstelling voor opname van twaalf oude mannen, waaraan een kapelaan was toegevoegd voor de geestelijke verzorging en een "dienstmeid" voor de lichamelijke. Ter verkrijging van ondersteuning vaardigde paus Sixtus IV bovendien een bul uit, waarbij aan de inwoners van het eiland Tholen twee jaar aflaat werd beloofd als zij op Sint Maartensavond iets offerden aan deze instelling, bijvoorbeeld kippen, ganzen, biggen of lammeren. Deze gaven werden dan meestal aangetroffen op de dijk van Sint Maarten, de latere Molendijk.

6. De Keethil is nog steeds voor vele inwoners een bekende naam. Oorspronkelijk was het een hoogte, opgeworpen uit zelkas (sel-as), een overblijfsel van zoutbereiding uit verbrand veen. Naast de terre inverhoging waren keten geplaatst en hierin werd het verkregen zout opgeslagen. De afbeelding geeft een gedeelte van een oude gravure uit Zierikzee weer, waarop de "moernering" plaatsvindt. Deze afbeelding is "gemonteerd" tegen een gedeelte van de Pluimpot met de Keethil, waarop de zoutketen voorkomen, om het geheel wat te verduidelijken.

7. Twee geschilderde medaillons op linnen behang, tot omstreeks 1945 aanwezig in de woning van een boerderij in de Noordpo1der. De doorsnede van elk medaillon bedroeg ongeveer zestig centimeter. De linker afbeelding toont de in 1799 ingestorte waterpoort, nabij de voormalige Kleine Kaai, en de rechter afbeelding is (misschien) een vroeger Oostersche1de-aanzicht.

8. Waar eens "het slot van Jacoba" heeft gestaan (1940). Oorspronkelijk is er sprake van het slot van Pieter Gheronxsone van Overbordene. Deze verkocht namelijk in 1327 de "tienden" van landerijen in deze omgeving aan de abdij te Middelburg. Later hebben de Van Borselens een en ander in bezit gekregen. Hierdoor is tevens de naam van "Jacoba" ingeburgerd, Het slot werd in 1820, toen het grotendeels een ruine was geworden, gesloopt.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek