Spijk in oude ansichten

Spijk in oude ansichten

Auteur
:   Jakob B. Bronsema
Gemeente
:   Delfzijl
Provincie
:   Groningen
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4313-4
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Spijk in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

_ ...

15. Naast het verzorgen van voetpaden en lantaarns beheerde het kerspel ook de haven. In 1929 was korenschipper Jan Flikkema pachter van de inning van driehonderd vijfenveertig gulden. In 1930 vergde een nieuwe havenbeschoeiing dermate hoge kosten dat het kerspel besloot zich op te heffen en alles over te doen aan de gemeente. De laatste kerspelvolmachten waren: M. Ubbens, F. Wiersema en C.G. Cremer.

Omstreeks 1926 werd de haven uitgebaggerd. We zien dat een van de baggermachines opzij was gevallen en gezonken. De bergingspogingen trokken uiteraard de nodige belangstelling. Langs de rij knotwilgen op de achtergrond werd in 1933 de Alberdaweg aangelegd. Rechts het "Korenschippershoes" van de familie Jan Flikkema.

We zien onder omstreeks 1927 het motors chip "Vertrouwen" van de firma J. Flikkema & Zn. in het Spijkster Maar, langs het Trekpad liggen. Op het schip herkennen we, van links naar rechts: een onbekende, Klaas Flikkema, kinderen van Klaas Flikkema en de dan volgende Tietje Flikkema-Huisman, Ko Flikkema, Anje Kremer-van der Zee, Wietske Oosterwijk-Idema, dan twee onbekenden, Aaltje Oosterwijk, Betje van der Laan, Berend Ebbens, Jan Flikkema, Fenna en Eike, kinderen van Meindert en Elske Flikkema, Fenna Flikkema-Rozenboom, dan Auwdina, Jan en Elibertus Flikkema, Albert Flikkema en ten slotte Derk Flikkema. Eike Flikkema, geboren in 1923, verwierf de Florence Nightingalemedaille wegens haar moedig en krachtig optreden toen in 1947 een buitenpost op Java werd overvallen.

16. Dit typerende dorpsgezicht van het oude Spijk rond 1890, ademt een sfeer van vredige rust. Op de ach tergrond zien we de dakruiter (uit 1711) van de hervormde kerk, die in 1902 door de huidige toren werd vervangen, boven het hoge geboomte in 't Loug oprijzen, In het huis links woonde destijds kruidenier Geert Smit, verderop Jacob Eckhardt en op de hoek van 't Loug smid Tel' Veer. In het midden gaat de oude hervormde pastorie achter de struiken schuil. Voor de pastorie, schuin tegenover meester Jan Keuning, woonde schilder ,,01' Bernaarske" Dijkhuizen, Hij werd opgevo1gd door Daniel Meenken. Uiterst rechts zien we nog juist het dak van de pastorie van de Christelijk Afgescheiden Gemeente, waarvan dominee H. Bulder predikant was.

Rechts de aloude Nesweg, welke langs de haven en het voormalige "Huis te Spijk" in de richting van de oude dijk verdwijnt. De naam Nesweg herinnert aan de tijd dat het dorp aan zee was gelegen. Nes betekent immers land tong en nat, laag land.

17. Jan Keuning, 1850-1926, (midden) was in 1875 gehuwd met Elisabeth Wormser, 1850-1929. Hij was van 1885 tot 1902 hoofdonderwijzer van de in 1879 gestichte gereformeerde school te Spijk (onder). Hij schreef onder andere een groot aantal romans. Verder was hij hoofdredacteur van het door hem opgerichte arbeidersweekblad "De Keuvelaar", dat van 1893 tot 1924 verscheen. Keuning had een vooraanstaande positie in de A.R.-partij en in "Patrimonium". Hij stond aan de kant van de arbeiders en uitte zijn kritiek op de slechte toestanden waarin dezen verkeerden. Op de duur kreeg hij mede daardoor "gedonder" met het schoolbestuur, dat wil zeggen met de "dikke boeren". Dezen slikten het rechtvaardigheidsgevoel van meester Keuning ten opzichte van de arbeiders niet. Keuning daarentegen liet de school weI eens aan zijn lot over terwille van zijn literaire werk. Op 16 mei 1902 vertrok Jan Keuning naar Groningen om zijn boterham te verdienen in de joumalistiek.

Zijn zoon Pieter Keuning, 1882-1962, (links) was aanvankelijk ook onderwijzer. Later werd hij mederedacteur van uitgeverij Bosch en Keuning. Pieter publiceerde poezie, literaire kritieken, kinderboeken en romans. In 1917 verscheen "Kinderen in verstand en in boosheid", het zogenaamde Spiekster bouk, dat als een born insloeg in de Spijkster gemeenschap. Met dit boek, waarin hij de slechte verhoudingen tussen boer en arbeider aan de kaak stelde, zal hij ongetwijfeld mede een zoete wraak hebben willen nemen op de mensen met wie zijn vader overhoop had gelegen.

Pieters broer Willem Eduard (rechts) werd te Spijk geboren op 2 september 1887. Tot 1924 was ook hij onderwijzer. Als de dichter Willem de Merode was hij jarenlang geestelijk leider van de protestants-christelijke literaire beweging. Als zodanig was hij baanbrekend voorman in de culturele emancipatie van het calvinistische kerkvolk. Het platte land vanwaar hij stamde en het christelijk milieu dat hem vormde, ontmoetten in De Merode een literaire eruditie en verfijning van zeggingskracht die pas later, door zijn sombere levenservaring heen, konden worden geincorporeerd. Eerst tegen het einde van zijn leven is deze dichter, in wie verlangen en tucht, mystiek en aardsgezindheid met elkaar botsten, erkend als een der belangrijkste figuren van zijn generatie.

Na zijn dood 22 mei 1939 te Eerbeek - is een uitvoerige bloemlezing van zijn werk met een inleiding van K. Heeroma verschenen. In 1971 verscheen een goede biografie van Willem de Merode door Hans Werkman.

18. In het eerste 11Uis links woonde van 1885 tot 1902 de bekende Jan Keuning, hoofd van de gerefonneerde school en redacteur van het blaadje "De Keuvelaar". Op 2 september 1887 werd hier diens zoon Willem Eduard geboren, de latere dichter Willem de Merode. Verderop woonde winkelier Geert Smit, dan zadelmaker Jacob Eckhardt en op de hoek van 't Loug smid Rengenier ter Veer. Op de achtergrond zien we de oude dakruiter van de hervormde kerk uit 1711, die in 1902 door de huidige toren werd vervangen, boven de bomen oprijzen, Ret was in de tijd dat de bewoners vanaf "Dreiborg" aan het Kerspelpad, langs de Schoolstraat tot in 't Loug in het volgend naamrijmpje werden getypeerd:

Karel Klont dei lopt mit pak.

Eise Poort is 'n wiendzak.

Korthoes schoaft nog wei ais 'n poa!.

En Jan Stoppels is brutoal. Jan Schenkel is varveloar.

Meester Keuning brengt "De Keuveloar".

Geert Smit is 'n fiemelgat.

En Eckhardt lopt nog wei wat rad.

Ter Veer zien wief is 'n kreupelbain.

En Jan Westerdiek is kastelain.

19. Op de bovenste foto zien we van links naar boven het huis van timmennan Jan Broos, dan de woning van de gerefonneerde hoofdonderwijzer, vervolgens het pand van winkelier Geert Smit, later van kleermaker Simon Kuin, dan zadelmaker Jacob Eckhardt, later Luutje Smit en op de hoek van 't Loug dat van smid Klaas ter Veer. Dit beeld moet van v66r 1920 zijn, want de oude hervormde pastorie is rechts nog aanwezig.

Beneden kijken we vanuit 't Loug omstreeks 1925 richting Losdorp. Links, voor de gereformeerde kerk, woonde schilder Daniel Meenken, later opgevolgd door A. Loppersum. Rechts vinden we achtereenvolgens L. Smit, S. Kuin, de gereformeerde schoolwoning, J. Broos, H. Smit, de in 1908 gebouwde villa van Menco Ubbens en op de hoek van de Zwarteweg die van Fokko Wiersema.

HETVOLK

Zij kennen niet den delicaten zwier Van de gebaren, en het soepel spreken.

De woorden die zij uit hun harten breken Zijn luid; hun lachen schuimt als donker bier.

Zij werken machtig, wild is hun plezier; Brutaal wordt iedre vreugde aangekeken. Hun feesten razen, en de nachten bleken Als 't dorp nog davert van dans en getier.

Hun wezen is als van gewone bloernen Die sedert jaren in hun tuinen staan, Waarover met een traag eentonig zoemen In zwaren vaart de donkre hommels gaan.

Maar wie hun hart wint, ziet wat zij nooit noemen, Den gouden vloed van liefdes honing aan.

Willem de Merode

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek