Spijkenisse en Hekelingen in oude ansichten deel 1

Spijkenisse en Hekelingen in oude ansichten deel 1

Auteur
:   J. de Baan
Gemeente
:   Spijkenisse
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1604-6
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Spijkenisse en Hekelingen in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Citsave P. A. Troost

29. Na de bouw van de brug zouden de elkaar beconcurrerende Oud-Beijerlandse boten nog vele jaren bij het veer aanleggen. Maar voor die brug hoefde men niets te betalen en in verband daarmee is in 1905 de pont verkocht. Links zien we juist een zeilschip de oude havenmond passeren. Het draaibare brugdeel staat nog open en daardoor hebben we een goed zicht op de rails, midden over de brug. Daarover tufte de R.T.M. stoomtram en in het begin reed die niet verder dan de Molendijk, waar de locomotief weer aan de achterste wagon werd gekoppe1d.

30. Dat ging niet altijd even soepel, zoals deze foto uit 1904 toont. Rechts ligt de locomotief op haar kant en talrijke Spijkenissers, met naast de conducteur ook vlaskoper Arie van der Meer, staan tegen de middagzon in naar de fotograaf te knipperen. Niet lang daarna is het overkapte tramstation van Spijkenisse gereedgekomen, waar de trams voor Hellevoetsluis en voor Oostvoorne gesplitst en terugkomend weer aan elkaar gekoppeld werden om over smalspoor naar de Rotterdamse Rosestraat te rijden.

Spoorbrat; 01', r

x , D. J. v.

31. Daar komt juist een tram over de brug aanrijden. We zien hier duidelijk dat de brug, tussen de twee de1en aan de Hoogvlietse zijde en de ene boog aan deze oever, een draaibaar brugdee1 kende om schepen door te 1aten. Dat was een tijdrovende zaak, want dat gebeurde met handbediening. Later, to en de schepen groter werden en de Groene Kruisweg gereedkwam, is die draaibrug in 1933 vervangen door sneller werkende heftorens met -brugdeel. In 1978 is de he1e brug vervangen door een nieuwe.

32. Met dit gezicht op de oude za1mvisserij tegenover't Veer verlaten wij de met grienden omzoomde Oude Maas en roeien in gedachten de oude kronke1haven in. We passeren een grindschuit, jagers- en vissersbootjes, talrijke met riet, biezen en hout be1aden aken en de beurtschipper. Dan varen we door de in 1898 gebouwde keers1uis, met de Sluisdijk gemaakt om te voorkomen dat het Noordeinde met de Voor- en Nieuwstraat weer verhoogd moesten worden en om de waterkantbewoners eindelijk tegen hoog water te beschermen.

33. Even verderop kijkt Arie Strik (rechts) boven een bos hoepels uit, die Cees Aart van den Berg op zijn schouder troont, met naast hem onder anderen Thijs Mol en Gerrit Barends als leerjongens. Marinus van der Sluys staat bij het "hoep-mechien" en verder zien we Joost Lankhaar, Jan Lieve, Eef van Vliet weer, Willem Hogenboom, Aart Stout, Barend Smits, Arie de Knegt, Piet van Hulst en Kees van den Berg bij een stapel hoepels staan achter Noordeindewoningen. Binnen en buiten de keersluis verdienden veel Spijkenissers hun brood in achttien hoepelmakerijen,

34. In die hoepschuren werd het taaie griendhout gekloofd, geschild of gespaand en door machines tot hoepels gedraaid om dan als banden voor haringtonnen verkocht te worden. Hoepmaken was een zwaar werk dat je pas na jaren hard werken echt kon om er je brood mee te verdienen. Enkelen werkten voor eigen rekening, de meesten echter voor Spijkenisser griendpachters. Toen in de nacht van 13 op 14 januari 1916 de polder Oostbroek, tussen de Trambrug en de havenkade, vo1gestroomd was kon men hier echter niet aan het werk.

NOORDEINDE. SPIJKENISSE

35. In de jaren twintig kon men vanaf de moIen aan weerszijden van de haven nog talrijke schelven griendhout zien staan. Doch in die tijd zijn tonnenmakers in Vlaardingen, Scheveningen en Katwijk geleidelijk ijzeren banden gaan gebruiken wat ten slotte de ondergang van het, ook Spijkenisser, hoepmakersambacht zou worden. WeI maakte men naast het 2,12 meter lange tonneband vele andere soorten hout gereed, onder andere voor stoelenmakers, aan wie men tevens gedroogde biezen uit de Biesbosch of 't Haringvliet Ieverde.

36. Rechts zien we nog net een deel van de hout- en biezenschuur van de familie Hogenboom langs het Noordeinde. Beter is "De Kraton" te zien, de grote schuur langs de Vier Ambachtenboezem. Sinds het graven van deze boezem in 1563/66 hebben watermolens daar het overtollige polderwater in gemalen van de vier ambachten Geervliet, Biert, Simonshaven en Spijkenisse. Door kokers onder het Noordeinde werd het water eeuw na eeuw bij eb in de Spijkenisser haven geloosd.

37. Door inklinking van de poldergronden en de aanslibbing daarbuiten ging dat lozen steeds moeilijker. Grote delen van het jaar stonden de polders blank en de watermolens op de wind te wachten. Daarom is in 1881 beneden bij de molen het stoomgemaal "De Leeuw van Putten" gebouwd om het water omhoog te malen. Terwijl timmerman/korenmolenaar Van Roon deze stellingmolen "Nooitgedacht" herstelde,verdwenen de watermolens uit de polders, met uitzondering van de romp van de Geervlietse "ouwe meule" langs ,,'t Oostrik", het Oostenrijk.

38. Schaatsen op het Oostenrijk en de Boezem kon maar enkeIe weken, zingen het heIe jaar. Naast het vaandeI staat Jacoba van Bokkum, verder de zusters Peppink, Jans van der WeI, Eva van der Linde, Francien Dekker en Jaantje Koops. Achter haar Jaantje de Vries - die in 1942 als bejaarde jodin omgebracht zou worden - voorts Marie van der Wei, zusters Verlinde, Fie van Zanten, Grietje Dekker en Betje Dorst. Bij de heren zien we onder anderen: Arie Verlinde, Krijn Dekker en Gerrit Dekker.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek