Stellendam in oude ansichten

Stellendam in oude ansichten

Auteur
:   K. van den Houten
Gemeente
:   Goedereede
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3218-3
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Stellendam in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

IN LEIDING

Stellendam was tot 1966 een zelfstandige burgerlijke gemeente en als zodanig het jongste dorp op het eiland Goeree-Overflakkee. De gemeente is intussen met andere plaatsen door herindeling opgegaan in groter bestuurlijk geheel en het eiland is inmiddels ook geen eiland meer in de zin van het woord. Dammen en bruggen hebben de mogelijkheid geschapen dat de bewoners zich kunnen verplaatsen in verschillende rich tingen, waardoor het isolernent werd opgeheven. Een kort overzicht van het ontstaan en de opkomst van Stellendam kan ook voor de jongere en komende generatie dienen als achtergrond-inforrnatie, bij het kijken naar de oude ansichten.

Het tegenwoordige (schiereiland) Goeree-Overflakkee bestond vroeger uit tal van kleinere eilandjes, die door inpolderingen in de loop der tijden met elkaar werden verbonden en in het begin van de achttiende eeuw waren samengegroeid tot twee grate eilanden: Westvoorne (Goeree) en Zuidvoorne (Flakkee). Tussen deze eilanden lagen gorzen, namelijk het Zuidergors en verder oostwaarts het Stellegors. Op deze gorzen waren vluchtheuvels, een soort terpen, opgeworpen, waarop het vee zich bij hoog water kon terugtrekken. Deze vluchtheuvels noemde men "Stellen" en het grote gors tussen Goeree en Flakkee heette dan ook het Stellegors. In de dertiende eeuw lag op de plaats van het Stellegors een klein eiland, "Zomerland" geheten. Ongeveer op het eind van die eeuw is het ten onder gegaan, maar in de vijftiende eeuw was het

door het wonderlijk spel van de natuur opnieuw aangeslibt. Na 1520 zijn alle sporen van bewoning uitgewist. Een eeuw later was er weer een gors. Het is bekend dat hierop een herder leef'de, die zijn schapen liet weiden op de gorsgronden en's nachts veiligheid zocht op zijn stelle. Het Stellegors was van Westvoorne (Goeree) gescheiden door de ondiepe Scharrezee en van Zuidvoorne (Flakkee) door de Hals, een diepere stroorn, die bij hoog water voor schepen bevaarbaar was en een verbinding tussen de Grevelingen en het Haringvliet vormde. In 1750 besloten de Staten van Holland de eilanden Goeree en Overflakkee door een vijf kilometer lange dijk te verbinden en de Scharrezee en de Hals af te dammen. Deze dam kreeg de naam Staten dam. In 1765 gaven de Staten de dijk met alle grondaanwassen over aan wat we nu een aannemerscombinatie zouden noernen, met de opdracht de dijk drie voet hoger te maken en het onderhoud ervan op zich te nemen. Gelijktijdig werd octrooi verleend tot inpoldering van de slikken op voorwaarde dat de gewonnen gronden zouden worden opgenomen in een ambachtsheerlijkheid, die Stellendam zou worden genoemd.

De naam van de eerste ambachtsheer was Johannes Eusebius Voet, die geneesheer te Den Haag en inspecteur van's lands middelen en rechten in het zuiderkwartier van Zuid-Holland was. Na de bedijkingen van de verschillende polders ontstond er in 1780 een kleine nederzetting waaruit het dorp Stel-

lendam is ontstaan. De tweede ambachtsheer van Stellendam was mr. Iman Cau; hij overleed in 1801 en hij werd opgevolgd door zijn zoon Jan Jacob, die in 1837 weer werd opgevolgd door Frank Diederik Cau. De mannelijke tak van de familie is daarna uitgestorven, zodat de ambachtsheerlijkheid heeft opgehouden te bestaan.

Met in gang van 1 januari 1966 heeft ook Stellendam, na tweehonderd jaar bestuurlijk bestaan, opgehouden zelfstandige gemeente te zijn. Het werd met Goedereede en Ouddorp samengevoegd tot een gemeente, onder de naam Goedereede. Eind december 1965 had de kern Stellendam 2683 inwoners.

Ten slotte nog enkele opmerkingen voordat we aan de hand van de kiekjes Stellendam ingaan om te kijken hoe het er vroeger was. Voor het opnieuw in beeld brengen van een bepaalde periode uit de tijd rond de eeuwwisseling tot de jaren dertig, moet men, wil deze opdracht kans van slagen hebben, uit een attractieve en ruime sortering kaarten een keuze kunnen maken. Interessante artikelen uit eigen bezit en ook veel van wat bij de mede-inwoners aan materiaal voorhanden was, ging in 1953 bij de geweldige watervloed verloren, of werd soms pas na weken door het water aangetast en in beschadigde toestand teruggevonden. Daardoor is het moeilijk geworden de onderschriften van details te voorzien. Niettemin hoopt de sam ensteller met de in gebruik verkregen kaarten en foto's en met een uiteraard aan beperking gebonden tekst,

een enigszins acceptabel beeld uit "Grootvaders tijd" te kunnen schetsen. Diegenen die daarbij behulpzaam zijn geweest, ook met het tijdelijk afstaan van materiaal en het verstrekken van gegevens, wordt dank gebracht voor hun niet geringe bijdrage,

Bij een terugblik op de levensomstandigheden en de woonaccommodatie van rand 1900 zijn bij verschil1ende onderschriften veranderingen in het straatbee1d aangegeven, waarvoor a1s aanleidende oorzaak de overstromingsramp van februari 1953 is genoemd. Wij zijn daar met opzet iets verder gegaan dan tot de jaren dertig. De wederopbouw na de ramp schiep mogelijkheden voor een grootscheepse aanpak van woonproblemen, namelijk door uitgebreid herste1 en verbouw van beschadigde panden en door de bouw van ve1e nieuwe woningen met medewerking van de overheid.

Het woon- en 1eefklimaat ter plaatse werd daardoor ingrijpend veranderd, met gevo1g dat deze p1aats gehad hebbende natuurramp a1s een rode draad door het verhaalloopt en telkens ter sprake komt. Namen zoals "De Hellebuurt" en verdere krottenmiseres zijn nog slechts een vaag begrip voor de oudere inwoners, maar niemand zal het betreuren dat dergelijke schrijnende woontoestanden werden opgeruimd en de herinnering eraan in de nevelen van het verleden verdween.

STELLENDA'" Elv e

1. Een knus en intiem straatje, met voor en achter de woning- en tuingrond, alsmede opstallen voor vee en pluimvee. Bij de watersnoodramp in 1953 werden vele huizen zwaar beschadigd of geheel verwoest. Na de catastrofe werden de vernielde en beschadigde panden weder in bewoonbare staat gebracht. In 1947/48 had deze straat echter al aan beide kanten bebouwing gekregen, waarvoor de tuintjes aan de voorkant moesten wijken. De straat werd toen herdoopt in "Meidoornstraat". In de vorige eeuw werd aan de bestrating nog niet veel aandacht geschonken, wat op deze afbeelding wei is te zien. Volgens oude verhalen was het to en een onvoorstelbaar armoedige tijd. Kinderen van grote gezinnen konden slechts op toerbeurt naar buiten omdat niet voor ieder kind gelijktijdig schoeisel beschikbaar was. De mannen op de achtergrond zijn Andr. Jansen en Jac. van Es.

Stellendam Kave! elf

2. Elve of Kavel Elf. Een groot gedeelte van het grondgebied van de gemeente Stellendam was in een aantal kavels verdeeld. De landbouwers en vee I oudere mensen spreken nog altijd over kavels gevolgd door een getal, als aanduiding van een gedeelte van het dorp of bepaalde stukken landerijen in de polders. De beide vrouwen in de deuropening zijn de dochters Maria en Krijna van C. van de Ree. Het parmantig stappende jochie is Aart van Seters, thans gepensioneerd polderwerker. De vrouw met het kind is Hendrika Brinkman. Verderop staan Jan-Leen Lokker en mevrouw LokkerSchaaff.

3. Een achteraanzicht op Elve. De voorste schuur en het wagenhuis werden tijdens de ramp verwoest. Beide percelen waren in gebruik bij Jacob Kievit. Jarenlang was deze noordoostkant van het dorp met zijn schuren, varkenshokken en mesthopen de uiterste grens van de bebouwing. De sloot langs de dijk werd gedempt en op de aangekochte percelen landbouwgrond kwam, rond 1965, een ver1enging van de bebouwing aan de Eendrachtsweg tot stand. Door activiteiten van de woningbouwvereniging .Beter Wonen" verrees daar een groot aantal huizen, onder andere gelegen aan de Koningin Julianastraat, Prins Bernhardstraat, Brielsestraat en de tussenliggende straten.

4. Links op de kaart ziet men nog een gedeelte van het huis dat werd bewoond door C. van de Ree en Bram van de Ree (koster van de Nederlands Hervormde Kerk). Rechts ziet u het huis van het toenmalige schoolhoofd A. van Eck en een gedeelte van het schoolplein van de hervormde school. Daarachter is het later afgebroken huis van Corn. van Driel nog zichtbaar. Op de achtergrond, rechts, de huizen die werden bewoond door respectievelijk weduwe Van Seters en Teun van de Ree. Aan de linkerkant van het slop, dat doorgang gaf naar de Voorstraat woonde Lodewijk (Lootje) Koese. Hij hield van een f1inke sprint wanneer hij op zijn damesfiets voorbij stoof. Tenger van bouw en laag in het zadel gezeten had de wind weinig vat op hem, wanneer hij zijn baantjes trok. Bij de start en ook onder de rit had hij altijd nog wat adem in reserve, om op zijn eigen manier de dingen van aile dag door kernachtige uitspraken van commentaar te voorzien. Van de kinderen herkennen we onder anderen: A. Spuij, St. Keijzer en G. van Lenten.

5. Het voorste gedeelte van de schoolstraat met rechts de afgebroken woning van het schoolhoofd van de openbare school, de heer C. de Jager, en daarnaast het afgebroken huis met schuur van de heer M. Klink. De vrijkomende grond werd benut voor uitbreiding van de open bare basisschool "Het Stellegors", Links is de tuin te zien van de heer P.D. Holleman waar nu twee woningen zijn verrezen. De man met het transportrijwiel neemt een afwachtende houding aan, in verband met de aanwezigheid van de fotograaf in de straat. De andere fietser is de heer C. van Weezel.

Stellendam

Gemeenteschool

6. De open bare school, oftewel gemeenteschool, volgens het opschrift van de prentbriefkaart. Reeds eerder was er een school met twee lokalen in gebruik, die was gebouwd op het tegenwoordige Kerkplein en in stand werd gehouden tot 1881, hoewel ze a1 jarenlang voor dit doel ongeschikt was. In 1881 kon de nieuwe school met vijf lokalen in gebruik worden genomen. In de tuin links moet het huis van A. Keijzer nog worden gebouwd. In het rneisje met de vlechten daeht onze zegsman een doehtertje van politieagent Zoon te herkennen. Verder bemerken we, leunend tegen het hek en tussen het plassengebied, Leen van Driel en reehts, op de rug gezien, Gerritje van Wageningen.

t

Groete uit Stellendam.

Dntl" en witgave 11'. IJoeklwven, SOllllllelsdijk.

7. De noordwestelijke Achterweg (later Bosschieterstraat). Aan de linkerkant tussen hoog opgaand geboomte staat de open bare lagere school en verderop vcrscholen tussen de bomen het voormalige raadhuis met veldwachterswoning. Diverse politiefunctionarissen vonden aldaar in de loop der jaren met hun gezinnen woongelegenheid. Namen als De Leeuw, Guerand, De Boer en Kluit zullen bij de autochtone bevolkingsgroep bepaalde jeugdherinneringen oproepen. Met een wandelstok waarin wat lood was verwerkt ter ondersteuning van het gesproken woord, vertegenwoordigden zij een flink stuk gezag in een tijd dat de jeugd wat gemakkelijker in het gareel was te houden dan nu. Rechts de schuur van C. Zeedijk, links een houten kist over de sloot voor berging van afval. De tweede man van links is M. Kievit en de derde is mandenmaker C. van Wezel.

8. Een opname van de pastorie en het kerkgebouw van de Nederlands Hervormde Gemeente met op de achtergrond, links, het voormalige gemeentehuis. Dit gemeentehuis was tot aan de watersnoodramp in gebruik, maar werd wegens ondoelmatigheid in 1953 verplaatst naar de vroegere woning van wijlen I.A. Charbon, burgemeester van deze gemeente van 1916 tot 1937. Enkele jaren voor het als raadhuis in gebruik kwam werd het ook nog bewoond door de familie Human en door dokter Diehl (schoolarts), die tijdelijk in de leegstaande burgemeesterswoning werden gehuisvest. Door herindeling van de drie gemeenten aan de kop van het eiland is de gehele administratie en de technische dienst thans overgebracht naar Goedereede, waar een nieuw raadhuis in gebruik is genomen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek