Suameer in oude ansichten

Suameer in oude ansichten

Auteur
:   T. de Groot
Gemeente
:   Tytsjerksteradiel
Provincie
:   Fryslân / Friesland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-5460-4
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Suameer in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

31. Auto. Voor de oorlog vervoerden de chauffeurs van de N.T.F. met deze wagens de veekadavers uit de drie noordelijke provincies van de boeren naar de fabriek. Het wagenpark bestond uit zes T-Fords met een aluminium laadbak. Deze wagen is op de foto te zien. De allereerste wagens hadden echter een ijzeren laadruimte. Doordat de Iichte onderstellen niet op hun taak berekend waren, ontstonden er geregeld mankementen aan de 24-p.k.wagens.

Monteur Vreeling had drie reservemotoren tot zijn beschikking, maar het kon gebeuren dat deze allemaal in gebruik waren. Ze werden zonodig 's nachts in de wagens gemonteerd, zodat de chauffeurs weer uit konden rijden. Wegens het ontbreken van een rem op de voorwielen en een slappe stuurinrichting gebeurde het regelmatig dat de chauffeur al zijn stuurmanskunsten aan moest wenden om de kadaverauto op redelijke wijze tot stilstand te brengen.

De zijraampjes van de T-Fords werden met kleedjes van zeildoek afgesloten, maar de cabine van de opvolger, de A-Ford, had rondom ramen. De lege wagens hadden een topsnelheid van 40 a 50 km per UUf, maar de beladen wagens reden uiteraard veellangzamer.

Reservewagens had men niet en als de chauffeur weer eens met een gebroken achteras langs de kant van de weg kwam te staan, kreeg hij het advies am de wagen op vaten te laten steunen en zelf naar huis te gaan.

De motoren van opvolger A-Ford hadden meer p.k. 's, de wegligging was beter en omdat het materiaal beter op zijn taak was berekend, betekende dit voor de chauffeurs en monteurs een hele vooruitgang.

32. Damsingel, Via de tramrails vervolgen we onze weg in de richtingvan de voormalige Bergumerdam. De foto is rand 1918 gemaakt.In de woning rechts was jarenlang het schildersbedrijfvan Marten Holwerda gevestigd. Daarvoor bewoonde klompenmaker Jacobus Scherjon de rechterzijde van hetpand, terwijl fietsenmaker Sjoerd Veenstra aan de linkerkant zijn beroep uitoefende. Hij repareerde tevens motoren.

Daarnaast staat de woning van Folkert en Geeske. In de rechter zijkamer hadden zij een textielwinkel, waaronder andere naaigaren, theedoeken, schorten, breiwol en sokken werden verkocht.

Links op de foto staat een groot herenhuis, dat ook weI "het Slot" werd genoemd. Bakker Jacob van der Wal woonde in het linker gedeelte, terwijl dokter Zwart rechts zijn praktijk had. De bakkersknecht duwt de ventwagen naar de bakkerij.

In 1918 kwamen Bouwe en Romkje Boonstra in het pand te wonen. Aangezien zij eerst in de woning van Folkert en Geeske woonden, bleven ze in hun eigen straat. Bakker Van der Wal deed dat ook. Hij verhuisde naar het huis links op de foto, dat bekend staat als de "oude bakkerij". Het verhaal gaat dat Bouwe Boonstra het huis af liet breken, omdat de hoge stoep een te grote belemmering vormde voor de kinderwagen. Van de stenen bouwde men zeker twee nieuwe woningen. De ene staat aan de Damsingel34, terwijl de andere zich ergens in Bergum bevindt. Van het voormalige herenhuis bleef een deel van de achtergevel en het koetshuis (thans garage) staan. Op dezelfde plaats werd een kleinere woning gebouwd, die door kleinzoon Bouwe Boonstra en zijn gezin wordt bewoond. Tot het begin van de jaren zestig heeft achter de oude bakkerij een cichoreifabriek gestaan, in de volksmond beter bekend als de sukerijfabriek. Men droogde daar de cichoreiwortels, waarna erin de grote cichoreifabrieken surrogaatkoffie van werd gemaakt.

Toen de cichoreiteelt niet meer lonend was kreeg de fabriek een andere bestemming. Zo oefende Sietse Sietema er het boerenbedrijf uit en Sjoerd Algra had er een autowerkplaats. Op een gegeven moment waren er zelfs drie gezinnen in gehuisvest.

Diverse woningen op deze foto zijn reeds afgebroken en de resterende panden zullen wegens de oprukkende industrie ook voor de eeuwwisseling verdwenen zijn.

33. Damsingel. We zijn nu aangekomen bij het laatste gedeelte van de Damsingel. Voorheen heette dit de Bergumerdam. De bakkerij van Jacob van der Wal staat op de voorgrond. Rykele, de zoon van de bakker, leunt tegen het huis. Later heeft hij de bakkerij van zijn vader overgenomen. Naast Rykele staat Jan Dijkstra. De dochters van de bakker, Hiltje en Grietje, staan op de stoep. Bakker Sweepe was de laatste bakker in

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek