Tilburg in oude ansichten deel 1

Tilburg in oude ansichten deel 1

Auteur
:   drs. H.J.A.M. Schurink
Gemeente
:   Tilburg
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2572-7
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Tilburg in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

door

drs. H.J.A.M. Schurink

Europese Bibliotheek - Zaltbommel

W~OEN

OEKJE

ISBNlO: 90 288 2572 x ISBN13: 978 90 288 2572 7

© 1968 Europese Bib1iotheek - Zaltbomme1

© 2009 Reproductie van de twaa1fde druk uit 1994

Niets uit deze uitgave mag worden vervee1voudigd en/of openbaar gemaakt door midde1 van druk, fotokopie, microfihn of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schrifte1ijke toestemming van de uitgever.

Europese Bib1iotheek Postbus 49

5300 AA Zaltbomme1 te1efoon: 0418 513144 fax: 0418 515515

e-mail: pub1isher@eurobib.n1

IN LEIDING

Dit boekje wil trachten u een bee1d te geven van Tilburg rond de eeuwwisseling, ruim genomen de periode 1875-1935. In 1809 door koning Lodewijk Napoleon tot stad verheven, groeide de gemeente van 25397 inwoners in 1875 tot 88890 in 1935. Het grondgebied bes1aat 7989 hectare. Anders dan in Eindhoven of Breda houdt de bevo1kingstoename geen verband met annexa tie. Tilburg had nimmer veel allure en weinig architectonische pretentie, al spreken de bewoners ook ironisch van "de schonste stad van 't laand". De oude dorpsherdtgangen (buurtschappen), ge1eidelijk aaneengegroeid, 1even nog voort in straatof wijknamen a1s: Oerle, Broekhoven, Korve1, Laar, Berkdijk, Reit, Hoeven, Hasselt, Stokhasselt, Heikant, Ve1dhoven, Loven, Kerk & Heuvel. Burgemeesters waren respectievelijk J.F. Jansen (1869-1901), W.P.A. Mutsaers (1901-1907), G.R.C.M. Raupp (1907-1915) en mr.dr.F.L.G.Z.M. Vonk de Both (1915-1939). Het geta1 van de raads1eden bedroeg 19 in 1875 tegen 35 in 1935.

Vanouds is Tilburg bekend door zijn wo1fabricage. In 1875 waren er niet minder dan 142 wollenstoffenfabrieken (waarvan 51 door stoom gedreven), we1k aantal in 1935 is geslonken tot 38 ondernemingen, waarbij ve1e familiebedrijven. Typerend rezen vroeger de hoge imponerende fabrikantenhuizingen op midden tussen de lage huisjes van de weyers, vollers, kettinglijmers, droogscheerders, kaardemakers, spinners, ruwers en ververs in deze stad vol schoorstenen en fabriekspijpen, vol stoomp1uimen en rookslierten, een stad met vennen, poelen en blauwsloten, een stad waar de getouwen klapperden van zes uur 's morgens

(wanneer het stoomfluitconcert begon) tot zeven uur in de avond. Wat de kinderarbeid betreft, sloeg Tilburg nog niet zo'n slecht figuur. Stakingen van arbeiders kwamen ze1den voor. Arbeidsconflicten van enige omvang hadden slechts plaats in 1917 en 1935. De activiteit van de fabrikanten (geruggesteund door de reeds in 1842 opgerichte Kamer van Koophandel) moge blijken uit het feit, dat zij in de negentiende eeuw dee1namen aan de were1dtentoonstellingen te Parijs, Wenen en Philadelphia en daar zelfs medailles verwierven. Nieuwe takken van industrie werden na 1890 onder meer gevonden in schoen- en sigarenfabrieken. De N.V. Volt Metaaldraadwarenfabriek is van 1909. Handel en nijverheid vormden ook de basis voor de grote exposities van 1909 (Til burg 100 jaar stad), 1913 (Nederland 100 jaar onafhankelijk), 1924 (na-oorlogse manifestatie) en 1934 (125 jaar stad), waarvan er enkele met koninklijk bezoek werden vereerd.

Na (sinds 1853) concessies te hebben gegeven aan particu1ieren, nam de gemeente in 1873 ze1f de exploitatie van het gasbedrijf in handen en geleidelijk kregen de meeste straten gasverlichting. Elke avond kwam een werkman de 1antaarns aansteken. De oprichting van een elektrisch centrale achtte men in 1908 nog een "stap in het onzekere", maar in 1910 kwam deze toch tot stand. Het waterleidingbedrijf is sedert de oprichting in 1898 altijd in particuliere handen geb1even. V66rdien verkreeg men water uit pompen en putten. Het marktwezen bevorderde de gemeente door de opening van de zogenaamde boterha1 in 1888 (naast het stadhuis; een overdekte marktha1 voor

boter, kaas en eieren, afgebroken in 1959) en van de overdekte vismarkt (1889) aan het Willemsplein, afgebroken in 1961. In 1883 kreeg Tilburg de eerste aansluiting op het rijkstelefoonnet, namelijk met Goirle. Voor de stadstelefoon werd in 1888 concessie verleend aan de firma Ribbink-van Bork & Co., welke haar net opende met 65 aansluitingen.

Sinds 1863 was Tilburg opgenomen in het spoorwegverkeer, het eerste met Breda, daarna Boxtel (1865), Turnhout (1867; opgeheven voor het reizigersvervoer in 1934) en 's-Hertogenbosch (1881). De Centrale Werkplaats van de Spoorwegen, daterend van 1868, telde in 1935 ruim 700 werknemers. De voetgangersbruggen bij de overwegen van de Gasthuisstraat en Koestraat zijn van 1894. Een paardetram (zoa1s in Breda en Den Bosch) heeft Tilburg nooit gekend. In 1881 kwam de stoomtram naar Loon-op-Zand en Waalwijk, in 1904 die naar Dongen en in 1907 die naar Goirle-Hilvarenbeek-Esbeek-grens. Het stadslijntje naar de Theetuin op de Koningshoeven werd in 1907 opgeheven. De exploitatie van de trams was in handen van de Hollandse Buurtspoorwegen (Vieinaux HoIlandais) en de Zuider-Stoomtramwegmaatschappij, Vanaf 1923 kreeg de tram concurrentie van de autobusdiensten. Het personenvervoer per tram is in 1935 geheel stopgezet. De automobiel was in het begin van deze eeuw nog pas in opkomst. Bij de mobilisatie in 1914 werden de partieuliere auto's in de stad gevorderd: het bleken er ongeveer 25 te zijn. De eerste fietsers verenigden zich in de wielerclub Ve1ox. Te water was Tilburg pas bereikbaar via het Wilhelminakanaal met de Piushaven, aangelegd in de jaren

1919-1923. En voorts was het verkeer "per pedes apostolorum". Traditionee1 was de bedevaart naar St. Job in Enschot (vanwaar men met bosjes scharren terugkeerde) en de voettocht in mei naar de Zoete Lieve Vrouw te 's-Hertogenbosch,

Waar zocht men vroeger zijn vertier? Thuis, op de kermis, in cafes, societeiten (Amicitia 1833, "de Phil" 1840) en andere verenigingen. Fancy-fairs droegen mede bij tot de gezelligheid. Bekende herbergen waren onder meer: "De Gouden Leeuw" (Markt), "De Gouden Zwaan" (Markt; Heuvel), cafe Marinus (Monumentstraat), "Den Engel" (eerst Zomerstraat, later St.Annaplein), "De Roskam" (eerst Zomerstraat, later Heuvel), "Villa Nova" (Heuvel), "De Vier Winden", "Het Dorstige Hert" (Bredaseweg), "De Reizende Man" (Bosscheweg), "De Zwarte Leeuw", "De Roode Haan" (Wilhelminapark), "De Uiterste Stuiver" (Dongenseweg), "de Theetuin" (Koningshoeven), "De Snoek", "De Baars" en "Het Groenewoud" (aIle dieht bij de Leij), Naast de eeuwenoude schuttersgilden "St.J oris", "St.Dionysius" en "St.Sebastiaen" bestonden er vroeger tientaIlen handboogschutterijen. De postduivenclub "De Te1egraaf" wordt a1 vermeld in 1879. Tilburgs oudste voetbalclub is "Willem II" (1896), eerst "Tilburgia" geheten. De stad heeft steeds een bloeiend muziekleven gekend. De "Nieuwe Koninklijke Harmonie" is van 1843, de koninklijke liedertafe1 Souvenir des Montagnards van 1845, de koninklijke harmonie "Orpheus" van 1864, ,,1'Echo des Montagnes" van 1867. Tilburgs mannenkoor "St. Cecilia" zingt al vanaf 1877. De muziekschool is van later datum: 1908.

De weefschool van 1878 was tot 1904 gevestigd aan de Markt, dan tot 1930 industrieschool genoemd (als afdeling van de ambachtsschool aan de Spoorlaan), naderhand textielschool, sedert 1930 aan de Lange Schijfstraat. In 1875 waren er 5 openbare lagere scholen en 6 bijzondere. In 1935: 3 openbare scholen (waarbij een u.l.o.), 23 bewaarscholen en 45 bijzondere lagere scholen naast 8 u.l.o.-scholen. De rijks h.b.s., sinds 1866 gevestigd in het leegstaande paleis van koning Willem II, verhuisde in 1934 naar de nieuwbouw aan de Ringbaan Oost. De burgeravondschool is geopend in 1870, gereorganiseerd in 1909 en opgeheven in 1922. De avondvaktekenschool van 1910 is eveneens in 1922 opgeheven. Het gymnasium, eerst (1899) bij de fraters gehuisvest, nadien in de Lange Nieuwstraat en op "Ave Maria" (Broekhoven), werd in 1917 voortgezet als St.-Odulphuslyceum en verhuisde in 1930 naar de Lange Schijfstraat. De in 1926 opgerichte 3-jarige meisjes h.b.s. aan de Oude Dijk is in 1928 het Theresialyceum geworden. Het nieuwe

gebouw aldaar betrok men in 1931. De rooms-katholieke handelshogeschool aan de Bosscheweg (stichtingsakte 29 augustus 1927) kreeg in 1936 de naam Katholieke Economische Hogeschool. In 1918 werden de rooms-katholieke Leergangen (gesticht in 1912 te 's-Hertogenbosch) naar Tilburg overgebracht. Het voor 95 procent katholieke Tilburg telde in 1875 (behalve de Paterskerk aan de Gasthuisstraat) vijf parochiekerken: Goirle, Heike, Korvel, Heuvel en Heikant. In 1935 was dit getal aangegroeid tot twintig. De hervormde kerk aan de Zomerstraat is van 1822, de gereformeerde kerk (in 1894 aan de Lange Nieuwstraat) staat vanaf 1923 aan het Molenbochtplein. De synagoge was reeds in 1873 gebouwd aan de Willem Il-straat.

Uiteraard is het onmogelijk aile aspect en van het stadsleven in dit korte voorwoord te belichten. In de tekst bij de illustraties zal men echter menige aanvulling kunnen vinden.

1. We beginnen onze rondwande1ing door Tilburg bij het voormalig pa1eis van koning Willem II, gebouwd 1847-1849 vo1gens Enge1se bouwtrant, van 1866 tot 1934 in gebruik als rijks-h.b.s. Naast de schoo11ag de conciergewoning (M. Brooymans 1866-1899, W.F. Brooyrnans 1899-1934). De opname is in 1905 gemaakt door de beroemde fotograaf Henri Berssenbrugge.

2. De rijks-h.b.s., gezien van dezuidoostelijke zijde, orngeven door de botanische tum, welke voor de leerlingen aIleen toegankelijk was met toestemming van de leraar plantkunde.

Tilburg

Wiliemsplein

T J:l Editeur J. H.

cha efer, Amsterdam, depose

3. Aan de oostzijde lag de school aan het - naar de koning genoemde - Willemsp1ein. De overdekte vismarkt op de hoek van de Koningstraat is in 1889 gebouwd en in 1961 afgebroken.

monllmcnlslraal

Cilburg

Uitl'ave M. G. V ~ttier Kraane. TU~ur~

4. Hier zien we de h. b.s.-tuin vanaf de markt. Rechts (met kante1en) het voormalige intendantshuis voor 's konings rentmeester J.N. Frankenhoff, later woonhuis van dokter Kieckens en notaris Maas; vanaf 1932 was hier het Natuurhistorisch Museum en Volkenkundig Missiemuseum gevestigd. Het pand is in 1965 gesloopt. Op de hoek het in 1874 opgerichte monument ter plaatse van het sterfhuis van koning Willem II.

Tilburg

Zwijsenstraat met Hoofdbureau van Politie

5. Even buigen we de Zwijsenstraat in. Het torengebouw was het schoo1huis van meester M. Reijns, verbouwd tot hoofdbureau van politie en a1s zodanig op 15 april 1908 in gebruik genomen. Het deed dienst tot 1958 en is in 1959 gesloopt, Op de bovenverdieping was van 1909 tot 1913 publieke werken met het kadaster gehuisvest, daarna overgegaan naar Zwijsenstraat 45.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek