Tinaarlo in oude ansichten

Tinaarlo in oude ansichten

Auteur
:   L. Warners
Gemeente
:   Zuidlaren
Provincie
:   Drenthe
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4829-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Tinaarlo in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Cafe

/

-e

/

.. Oosterop" Sf~tionskoffiehui5 Vries-Zuidleren.

26. De molen van Tinaarlo, 1903-1926.

Op het hoogste punt van het dorp, aan het oosteinde van de Dorpsstraat, stond de molen van de familie Gerard Ritsema. De heer Ritsema was molenbouwer en zijn zoon molenaar. In 1926 is de molen afgebrand en de brandweer uit Vries kon helaas niets blussen, omdat er geen water was (volgens een persbericht uit die tijd).

De molen werd slechts gedeeltelijk herbouwd. De malerij werd nu aangedreven door een dieselmotor met een vliegwiel van ruim een meter doorsnede. In 1936 werd de heer Albert Everts hier molenaar. Hij trouwde met de kleindochter van de heer Gerard Ritsema.

In de Tweede Wereldoorlog stond er op de onderbouw van de molen een eenvoudige windcharger, die elektriciteit opwekte.

In 1978 werd alles afgebroken, ook de woning. Op deze plaats staat nu een aantal modeme huizen. De man op de foto is Berend Ritsema.

27. Dorpssmederij 1920-1925.

Omstreeks 1920-1925 werden in veel dorpen smederijen gebouwd door dezelfde aannemer. De typen kwamen zeer veel met elkaar overeen. Deze smederij staat nog aan het Hageneind, maar er woont geen smid meer in. Op het ogenblik wordt de smederij bewoond door de familie A. Rona.

Vele ouderen onder ons zullen zieh de pittige geur van sehroeiende hoeven nog herinneren als een paard, al of niet in de hoefstal, beslagen werd. Een zwaar werk voor de smid en ook niet zonder gevaar. Sommige paarden wilden nog weI eens aehteruit trappen. De paarden verdwenen uit het dorpsbeeld en de hoefsmid dus ook.

Dieht bij deze smederij staat in de tuin van de familie Boontje een oude lindeboom. Het verhaal gaat dat in deze boom een ring zit, waaraan een belangrijk persoon zijn paard lang geleden heeft vastgebonden om hem te laten beslaan. Men zegt dat het prins Maurits was (1584-1625). Dan moet de boom weI bijzonder oud zijn. Waarschijnlijker komt het mij voor, dat het Lodewijk Napoleon geweest is; Koning van Holland (1806-1810). Beide heren zijn weI in deze streek geweest. De ring is helaas niet meer te vinden en van de buurtbewoners heeft niemand hem ooit gezien. Vermoedeli j k zit hi j midden in de boom.

Op deze foto uit 1930 staan van links naar reehts: Abel Doedens, op de motor Kees v.d. Velde met Hans Naber, mevrouw E. Naber-Zuideveld, de smid Frits Naber en de postbode Jonkers.

28. Zeegserweg 2 in ... 1916.

Ook dit huis bestaat niet meer in zijn huidige vorm. De familie R. Brenninkmeyer verbouwde in 1973 het huis grondig, maar de oude vorm van dit voorhuis is nog duidelijk te herkennen.

In het begin van deze eeuw woonden er Roel Weites en zijn vrouw Fokkelien Meiering. Ook toen hadden de mensen al kostgangers, want me ester Van Kampen (rechts) was er in de kost. Ook schooljuffrouwen zijn op de Zeegserweg 2 in de kost geweest.

Later woonde op deze behuizing Ko Menninga, die getrouwd was met een dochter van Roel Weites, Dinie.

29. Wagen- en stelmakerij.

Voor 1950 kwamen in veel dorpen wagen- en stelmakerijen voor. De boeren konden daar hun "wupkarren" en dergelijke laten maken ofrepareren. De landbouwmethoden veranderden zeer snel, de "luchtwagens" kwamen en de oude modellen verdwenen. En zo verdween ook de stelmaker uit het dorp.

Op deze foto uit 1914 staat Jan Hilbrants voor zijn wagen- en stelmakerij aan de Dorpsstraat. Hij oefende zijn beroep tot ongeveer 1948 uit.

Ret huis is daarna voor vele doeleinden gebruikt. Van 1948 tot 1956 zat de groentehandel van Hendrik Hotzes erin. De heer A. van Steenwijk werd toen eigenaar en verhuurde het pand van 1956 tot 1961 aan de heer Arie Lammers. Deze dreef er een schoenhandel in. Vanaf 1961 zit de elektrohandel van de heer Willem Kroeze erin. Ret huis is natuurlijk verschillende keren verbouwd.

Op de achtergrond nog de mol en van de familie Ritsema.

30. Waar ligt de grens? (Links boven)

De foto is genomen vanaf Tinaarlo in de richting Vries. De beide huizen links en rechts op de voorgrond zijn in 1973 bij de verbreding van het Noord- Willemskanaal afgebroken. Door deze verbreding moest ook de oude brug verdwijnen. In de jaren dertig werd deze brug vervangen door een klapbrug. Lang heeft deze niet geleefd, want in de meidagen van 1940 werd hij opgeblazen. Hij werd weer hersteld. Toen daarna in 1973 het Noord-Willemskanaal verbreed werd om grotere schepen naar Assen te kunnen laten varen, moest de brug weer vervangen worden. Ook werd toen de nieuwe Rijksweg E 35 aangelegd. Op de foto ziet u midden in de weg een bocht. Daar lag vroeger bi j een .Jopie" (riviertj e) de grens tussen Tinaarlo en Vries. N u is de scheiding het N oord- Willemskanaal.

Brugwachtershuis bij Noord-Willemskanaal. (Rechts onder)

Vriezerbrug, brug 11. Drieennegentig jaar lang hebben de families De Vries en Bulthuis in dit huis gewoond en de brug bediend. Eerst was het een houten brug, later een basculebrug en nog later een elektrische. In 1887 kwam Melle de Vries op de brug. Hij was ook snikkevaarder. Melle kwam door een ongeluk om het leven en zijn vrouw Grietje Tingen trouwde weer met Jan Bulthuis. Deze bediende de brug tot 1913. Een zoon uit het eerste huwelijk, Jan Melle de Vries, nam toen de zaak over; behalve brugwachter was hij ook 25 jaar brandstofhandelaar. Bij het Noord-Willemskanaal mocht je toen iets bijverdienen. Ook was Jan Melle boer. Hij had zes koeien en veel varkens. Op de foto uit de jaren twintig is duidelijk te zien dat het brugwachtershuis een klein boerderijtje was. Jan de Vries, een zoon van Jan Melle, werd in 1943 brugwachter. Hij moest de brug bedienen van 6.00 uur tot 20.00 uur. Dat waren dus al vaste tijden. Jan Melle moest klaar staan vanaf een uur voor zonsopgang tot een uur na zonsondergang. Voor elk schip, dat voor zonsopgang en na zonsondergang door de brug ging kregen ze een dubbeltje. Met een klompje aan een hengel werd dat geld gebeurd.

Of schoon Jan de Vries brugwachter was en ook boer (hij hield drie koeien) en in: 1943 per weekf. 16,-- verdiende, was deze baan niet zijn voornaamste inkomen. Jan werkte van's morgens vroeg tot's avonds laat en moest ook nog de brug bedienen. Hij werkte o.a. in de brandstofhandel van Van Maanen en van Mellens. Hij loste grindschepen. Maar hij werkte weI in de buurt van de brug. Met deze "bijbaantjes" verdiende hij het meest. Zijn vrouw heeft vaak moeten roepen, want in die tijd voeren er wel 60 tot 70 schepen per dag door de brug. Jan de Vries bleef tot 1980 op de brug. In 1974 werd het huis afgebroken. Heel erg jammer voor de huiszwaluwen, die een groot aantal nesten onder de dakgoten bouwen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek