Uitgeest in oude ansichten

Uitgeest in oude ansichten

Auteur
:   A. de Jong
Gemeente
:   Uitgeest
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4029-4
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Uitgeest in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Gaarne voldeed ik aan het verzoek van de uitgever om een veertigtal foto's en ansichtkaarten uit mijn verzameling beschikbaar te stellen welke het decor zouden moeten zijn van de periode tussen 1880 en 1925 waartegen het dorpsleven zich afspeelde.

Alvorens U de foto's gaat bekijken wil ik U enige aanknopingspunten geven om de periode van 1880 tot 1925 weer in Uw herinnering terug te brengen. Uitgeest had eind 1880 2361 inwonders. Het inwonertal groeide in die jaren maar weinig. Om U hiervan een indruk te geven volgt hier een opsomming van enkele tientallen jaren later. In 1900 waren er 2665, in 1910 2860 inwoners, terwijl Uitgeest in het jaar 1920 totaal 3394 inwoners had.

De inwoners van het jaar 1880 beschikten reeds over goede spoorwegverbindingen met Haarlem, Alkmaar en Zaandam. De hoofdweg naar Alkmaar liep via Dorregeest of via de Limmerkoog waarvan men via "de tol" bij de Driesprong tegen betaling gebruik mocht maken. De verbinding met Castricum liep via de Castricummerweg die bij winterdag vrijwe1 onbegaanbaar was. Naar Krommenie ging men over de Lagedijk waarbij men bij Krommeniedijk voor drie cent via een daar opgerichte tol mocht passeren. N aar Heemskerk en Beverwijk ging men in die dagen via de Kleis en de Tolweg, ook daar was een tol geplaatst waar men als voetganger voor tweeenhalve cent mocht passeren.

Het bij Uitgeest behorende dorp Marken-Binnen bereikte men via Krommeniedijk, Men moet zich voorstellen dat in die jaren aIle vervoer te voet of met hondekarren en handwagens geschiedde. Slechts en-

kele bevoorrechten konden zich een paard en wagen veroorloven. Een van hen was de geneesheer Alb. lees Warning, die met huifkar en koetsier zijn patienten afging. Hij was als arts in Uitgeest werkzaam van 1861 tot 1914. Zijn opvolger werd de heel' Carl Ludwig Paul Max Rive. Als geneesheer was in Uitgeest ook werkzaam de heel' Anne Datus van Steenbergen en wel van 1879 tot 1912. Hij werd in 1912 opgevolgd door Lubertus Wentink die op zijn beurt in 1923 werd opgevolgd door de heel' Duco Osinga.

In het jaar 1880 was Adriaan van Lith Azn. burgemeester van Uitgeest en tevens van Akersloot. In het jaar 1882 werd Anthonie van Nienes burgemeester, die in 1901 werd opgevolgd door Anthonie van Lith Adrzn. Op 14 mei 1925 werd de heel' A. van Lith wegens zijn hoge leeftijd ontslagen, en opgevolgd door de heel' J. M. van Roosmalen.

Het was burgemeester A. van Lith die op 21 oktober 1873 de eerste steen legde voor de nieuwe school aan de Hogeweg. Tot oktober 1912 hebben nagenoeg aile Uitgeester kinderen op deze school het lager onderwijs gevolgd. Toen kwam namelijk de katholieke school aan de Langebuurt klaar, waarvan G. A. A. Eeltink het eerste hoofd werd. In 1919 werd hij opgevolgd door de heel' C. N. Schaal'.

De school aan de Hogeweg bezat zes lokalen en een gymnastiekzaal. In hetjaar 1880 was het hoofd de heel' Hendrik Jac. Garvelink die tot 1905 aan de school verbonden bleef. Zijn opvolger tot 1908 was Jacob W. Sasburg, die in dat jaar door Jarig van del' Vies werd vervangen.

De kleuters van 1880 bezochten de kleuterschool op de

hoek van de Meldijk welke naast de onderwijzerswoning in de voormalige lagere school was gevestigd. Het hoofd in dat jaar was Anna van Loenhout die in 1888 werd opgevolgd door Petronella van Walraven. In het jaar 1912 verhuisden de katholieke kleuters naar het nieuwe schoolgebouw aan de Langebuurt, waar Gijsberta Zonjee het eerste hoofd werd. Johanna Krammer volgde haar in 1915 op, terwijl Adr. Deutekom in 1919 het hoofd werd. Zij was het die in 1921 de als school ingerichte onderwijzerswoning aan de Langebuurt met de negentig kleuters betrok.

De geestelijke verzorging van de katholieken was tot 1892 toevertrouwd aan pastoor Duverge onder wiens leiding in 1884 de nieuwe katholieke kerk gereed kwam. Zijn opvolger werd pastoor Kuypers die in 1896 werd opgevolgd door pastoor Simon Witte. In het jaar 1911 werd Jacobus Joannes Oudewater pastoor die op zijn beurt in 1920 werd opgevolgd door pastoor J. C. van der Loos.

In 1880 was Gerard Jan Pare predikant te Uitgeest; in 1882 werd hij opgevolgd door J. C. Tersteeg. Van 1884 tot 1887 was A. M. A. Reinders predikant, Willem Beekhuis was zijn opvolger tot 1893. Toen werd namelijk A. H. Claasen naar Uitgeest beroepen. Van 1910 tot 1914 was C. C. de Kloet predikant; van 1914 tot 1919 Hendrik Gerrit Cannegieter die werd opgevolgd door Maarten Rosbergen.

De bevolking van Uitgeest yond in die jaren voornamelijk haar bestaan in de veeteelt, bloemen- en groenteteelt, terwijl ook handel en nijverheid een grote plaats innamen. Grote bekendheid kreeg Uitgeest door het houden van de bloemenfeesten. Duizenden be-

zoekers uit de verre omtrek kwamen dan in het voorjaar genieten van de overweldigende bloemenweelde. De namen van enkele kwekers uit die jaren wil ik U niet onthouden: J. Schoehuys Wzn., Zaadnoordijk, J. Eckhart sr., H. Kluft en zoon, K. Bot Jzn., Jan Heyne, D. Krijgsman, C. Roos, K. Bloedjes, S. Baars, C. J. Berkhout, K. Bot en zoon, M. Muys, J. C. Twisk, H. Berghuys, W. Twisk Yzn., P. Twaalfhoven, A. van der Eng, C. Brouwer, D. Meyer Dzn., C. Heynen Wzn., G. Meyer, A. de Bruyne, J. Eckhart jr., Meyer en Schenk en J. Twaalfhoven.

Tot slot wil ik U de zakenlieden noemen die in de nijverheidssector in Uitgeest werkzaam waren in de periode rond 1900.

Tot 1911 was de houtzaagmolen "de Hoop" in bedrijf, terwijl de graanmalerij "de Krijgsman" in vol bedrijf was met P. Velzeboer aan de leiding. Verder waren er: smederij K. Greeuw, smidsbedrijf J. Peperkamp, schoppen- en jukkenfabriek C. Schenk, K. Zonjee, die vogelkooien,kleine eiken meubelen, houten huishoudelijke artikelen en kinderspeelgoed maakte. De N. V. Stokkenfabriek voorheen F. Zonjee, die latten en stokken voor rolgordijnen en stokken voor de borstelindustrie en het landbouwbedrijf maakte, J. S. Visser met een koffiebranderij en honingzoetfabriek, P. Vermeulen met wagen- en rijtuigmakerij, G. J. Waardijk met schoenwerk naar maat, meubelbedrijf van Chr. van Leeuwen, J. Lz. Zonneveld met elektrische installaties, J. Roozendaal Sz. met een timmerfabriek en K. Berkhout Jzn. met een elektrische houtdraaierij. Ik wens U veel genoegen met het bekijken van de oude fete's en kaarten.

Het oude rechthuis aan het Marktplein heeft tot 1917 als raadhuis dienstgedaan.ln hetjaar 1900 zetelde hier het toenmalige gemeentebestuur bestaande uit burgemeester A. van Nienes met de wethouders P. Groen en A. van Lith. De burgemeester vervulde toen ook de functie van secretaris. In dit raadhuis werden tot 1917 op de bovenverdieping de huwelijken voltrokken. Vaak werd deze plechtigheid verstoord door het geschreeuw van de varkens die beneden in de waag door P. Waagmeester werden gewogen. Waagmeester was de dorpsveldwachter en tevens de markt- en waagmeester. De functie van nachtwacht werd bekleed door H. Twaalfhoven.

5

Vanaf het Marktplein liep men de Schevelstraat in, die de belangrijke verbindingsweg vormde tussen de Meldijk en de Castricummerweg. In 1904 liet de heel' Van Thijn een nieuwe slagerij bouwen, thans is daar de zaak van Degeling gevestigd. In dat zelfde jaar liet G. J. Waardijk er een schoenmakerij bouwen. K. Bz. Hos verkocht er drogisterijartikelen, chocola en dranken terwijl hij ook bekend stond am zijn sigaren en sigaretten. Op de hoek Schevelstraat-Middelweg was de zaak van H. Vrouwe die in 1911 een hele liter jenever voor een gulden kon leveren. Z'n boerenjongens kostten vijftig cent per pot.

7

Uitgeest Protestantsche kerk

Vanuit de tuin van K. Voorn nabij het Achterpad had men dit fraaie uitzicht op de eeuwenoude dorpskerk. Omtrent de jaren dertig zijn hier de woningen aan de Cornelis Corneliszoonstraat gebouwd. Het gebouw rechts op de foto is de grossierderij van Willem Schipper aan de Kerkbuurt. Welk een landelijke rust straalt er van deze foto, een sfeer waar Uitgeest in die jaren om bekend stond, met veel bomen en groen terwijl de tuinen er goed verzorgd uitzagen.

9

De Castricummerweg nabij de voormalige hervormde pastorie. Dit gebouw raakte later zeer in verval totdat het in 1953 als een waar monu. ment uit de puinhopen verrees, De smalle zandweg voerde hier langs de oude kerk met de

enorme bomen. De wegen waren vooral in de herfst en winter vrijwel onbegaanbaar, en dat ondanks de enorme bedragen die er jaarlijks voor werden iiitgetrokken. Voor het jaar 1898 stelde de raad f 3548,93 beschikbaar voor het wegenonderhoud en dan te bedenken dat de burgemeester toen zevenhonderd gulden per jaar verdiende.

Uitgeest

Castricummerweg

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek