Veere in oude ansichten deel 1

Veere in oude ansichten deel 1

Auteur
:   F. van den Driest en H. Hendrikse
Gemeente
:   Veere
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4107-9
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Veere in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

De toto's in dit boekje geven ons een indruk hoe men zestig tot zeventig jaar terug woonde en leefde, toen elk dorp nog een hechte gemeenschap was. Wat is er veel veranderd, vooral na de tweede wereldoorlog! Zo onststond in 1966 de gemeente Veere, uit de gemeenten Serooskerke, Veere en Vrouwenpolder. Gapinge was al sinds 1857 samengevoegd bij Vrouwenpolder. In dit boekje staan dan ook foto's uit aIle vier kernen. Maar voordat wij deze gaan bekijken, zullen we trachten van stad en dorp, in alfabetische volgorde een korte beschrijving te geven.

GAPINGE is een van de weinige dorpen op Walcheren die gespaard zijn gebleven voor plundering en brandstichting tijdens de Spaanse troebelen en het beleg van Middelburg in 1572/74. Mede hierdoor heeft het nog steeds zijn vijftiendeeeuwse kerk met koor en achtkantige toren. Het is zelfs de enige plattelandskerk op Walcheren die nog in het bezit is van de gehele middeleeuwse kap. Omstreeks 1750 bezat het dorp nog .Jiet huis Gapinge" met een sierlijke toren. Het was omgeven door een gracht en lag in een uitgestrekt bos. Het is waarschijnlijk het stamhuis van de heren van Gapinge geweest. In 1750 was het eigendom van Jacobus Willemsen, een bekend Middelburgs predikant, Thans rest alleen de gracht. Gapinge is nu een rustiek dorp met 450 inwoners. SEROOSKERKE was vroeger een van de grootste gemeenten op Walcheren. In de zestiende en zeventiende eeuw telde de gemeente al 600 inwoners en thans 1500. In 1196 was er al sprake van een Alartskintskerke, welke naam later overgaat (via Ser Aertskerk, Seroirtskerke en Seroiskerke) in Serooskerke. Deze gemeente heeft ook heel wat buitenplaatsen gehad: "Zoetendale", eens een klooster; "Noordhout", het .Jiuis Om"; het .Jiuis ter Mee", .Buitenlust't.; .Ja Retraite" en "Rien sans Peine"; Ze zijn alle gesloopt, aIleen herinnert de naam van een boerderij nog aan sommige buitens. Er was hier vroeger ook veel bos: het Gasthuisbos (drie hectare), de bossen van Noordhout of Schorers bos (ongeveer vijftien hectare) en het ronde bos achter Zoetendale. De kerk, toegewijd aan de heilige Johannes, werd tijdens het

beleg van Middelburg voor een deel door brand verwoest en eerst in het begin van de zeventiende eeuw hersteld. In de Franse tijd werden in vele kerken de graftomben beschadigd of vernield. Gelukkig bleef het grafmonument van een van de vroegere ambachtsheren, Philibert van Tuyll en zijn vrouw Vincentia van Swieten, gespaard. WeI moest een tiental wapenborden uit de kerk worden verwijderd en vernietigd. Toen in 1834 een vliedberg, de Luyksberg genaamd, werd afgegraven, kwamen verschillende voorwerpen naar boven, onder anderen een bronzen ring, scherven en beenderen. De meeste van deze voorwerpen worden nog in het Zeeuws Museum te Middelburg bewaard. Dat er meer waardevolle voorwerpen in de grond zaten, kwam op 3 januari 1966 aan het licht. Toen werden op een stukje land, dat eigendorn was van de gemeente, ongeveer 1150 gouden munten gevonden. Tijdens een veiling op 15 en 16 november 1966 te Amsterdam brachten 1023 geveilde munten een bedrag op van f 583.645,-. De gemeente gebruikte haar helft van de opbrengst onder meer voor de bouw van een zwembad en een medisch centrum.

VEERE heeft een veel bewogen geschiedenis. Sedert 1358 is Veere ommuurd. Het was toen een belangrijke vissersplaats, waar vooral haring werd aangevoerd. Mede door de vestiging van Schotse wolhandelaren, namen in de zestiende eeuw handel en scheepvaart sterk toe. De welvaart was echter niet van blijvende aard. In de zeventiende eeuw was het hoogtepunt bereikt, Daarna nam de welvaart sterk af; ook de visserij was met meer wat ze eertijds geweest was. In 1753 was er in Veere geen vissersboot meer te bekennen. Ook de Napoleontische overheersing heeft Veere geen goed gedaan. Door de armoede die er toen heerste, is menig bouwwerk gesloopt. In het begin van de zestiende eeuw telde Veere nog 740 huizen, in 1700 ruim 700, in 1955 286 en thans - door de nieuwbouw op Zanddijk - 390, dus weer in stijgende lijn. Om de welvaart weer op peil te brengen werd in 1873 het kanaal door Walcheren geopend. Maar ook dit bracht niet het resultaat dat men er van had verwacht. AIleen de vissers

keerden terug, nadat Arnemuiden van de zee was afgesloten en de Arnemuidense vissers naar Veere kwamen. Maar op 7 april 1961 moest de vissersvloot Veere voorgoed verlaten, omdat het Veerse gat werd afgesloten. De haven van Veere kreeg toen een recreatieve bestemming. Thans ziet men er prachtige jachten uit verschillende landen liggen. Men hoort er weer vreemde talen spreken en het kan er 's zomers een drukte van belang zijn. Dan is Veere bepaald geen dode stad!

In de tweede helft van de dertiende eeuw, is door inpolderingen de heerlijkheid VROUWENPOLDER ontstaan. In 1340 moet er al een kerk hebben gestaan, die toegewijd was aan Onze-Lieve-Vrouwe. In deze kerk bevond zich een miraculeus schilderij van de Heilige Maagd, dat jaarlijks op 15 augustus, in plechtige ommegang, door de gehele polder werd rondgedragen. Vrouwenpolder was toen een bedevaartsplaats van internationale betekenis. Vooral zeelieden bezochten het maar ook aanzienlijke vorsten verdeemoedigden zich voor het beroemde Lieve-Vrouwebeeld. In 1416 kwam keizer Sigismund vergezeld van Willem IV graaf van Holland en Zeeland, en in 1437 hertog Filips van Bourgondie, De parochiekerk werd tijdens het beleg van Middelburg verwoest en verbrand, maar het schilderij werd gered. Het bevindt zich, na eeuwenlange omzwervingen, sinds 1931 in de rooms-katholieke kerk van Middelburg. Bij de verwoesting van Middelburg op 17 mei 1940 werd het weer gered en het prijkt thans in een aparte kapel in de nieuw gebouwde kerk.

Nadat de calvinisten het roer in handen hadden genomen, bouwden iij te Vrouwenpolder een houten kerkje dat in 1591 door een storm werd vernield. Daarna werd een schuur tot kerk ingericht. Door de vlucht van vele gelovigen, die de moederkerk trouw bleven, stonden er in het dorp niet meer dan 28 huizen. Hierdoor was het erg moeilijk een eigen predikant te beroepen. In het begin werd de gemeente, die eerst in 1611 officieel was gesticht, dan ook bediend door de predikant van Serooskerke, Petrus Moerman. Eerst in 1618 kwam als haar eerste predikant Th. Sael. In 1623 werd de nu nog bestaande kerk gebouwd die op de eerste pinksterdag, 26 mei

1624, in gebruik werd genomen. Tijdens de namiddagdienst op 20 juli 1783 sloeg de bliksem in het dak van de kerk waardoor enige balken werden versplinterd. Er werd geen brand veroorzaakt, ook werd niemand getroffen, maar weI ontstond er, zoals te begrijpen is, een grote consternatie onder de kerkgangers. In het portaal van de kerk hangt nog steeds een van de getroffen balken aan een ketting. Op de balk staat - hoewel thans moeilijk te ontcijferen - het volgende vermeld: Deze balken zijn nevens zeer veel andere stukken houts op Zondag den 20 Juli 1783 omtrent het einde van de Namiddag Godsdienst door den Bliksem onder uit het dak der kerke van den Vrouwepolder uitgeslagen en worden ter Gedachtenisse van deze Gebeurtenisse op verzoek van den Predicant Willem Te Water in de kerk alhier Bewaard. Na de tweede wereldoorlog werd de kerk gerestaureerd.

In de nabijheid van Vrouwenpolder werd op het eind van de zestiende eeuw, op last van de Staten van Zeeland, fort "Den Haak" gebouwd. Het fort moest het Veerse gat onder controle houden. Nadat op 30 juli 1809 de Engelsen bij Breezand waren geland, met de bedoeling ons van de Fransen te bevrijden, werd het fort door de Engelsen ingenomen en vernield. Nog altijd zijn de resten ervan te zien.

Vrouwenpolder, met 950 inwoners, wordt met meer door pelgrims bezocht, maar het zijn nu de vakantiegangers, die hun plaatsen hebben ingenomen. Tot in de negentiende eeuw bezat het dorp twee prachtige buitcnplaatsen..Jl'wistvliet" en "Elzenoord". Volgens Jacobus Ermerins in zijn "Zeeuwsche Oudheden" was Vrouwenpolder het gezondste oord van geheel Walcheren.

Thans willen wij een blik slaan op de oude ansichten uit grootvaders tijd. Rest ons nog dank te betuigen aan de velen die hebben meegewerkt aan de samenstelling van dit boekje voor het verstrekken van gegevens en namen van de afgebeelde personen.

Elaping~

GAPINGE

1. Deze foto toont ons de Schotse hoek en de Dorpsstraat rond 1905. Achter de Schotse hoek lag de schutte, waarheen vroeger verdwaald vee werd gebracht. Rechts, achter de toren, de hervormde pastorie, die tot 1923 als zodanig dienst heeft gedaan. De bekende theoloog dr, J.H. Gunning JHz., redacteur van het bekende weekblad "Pniel" werd in 1881 te Gapinge als kandidaat beroepen. Maar, naar hij vertelde, zijn aanstaande schoonmoeder yond de pastorie zo akelig en het vlak voor de huiskamer gelegen kerkhof zo melancholiek dat hij bedankte. Naast de pastorie staat de schoolmeesterswoning. De openbare lagere school beyond zich hierachter. Op de hoek van Schotse hoek en Dorpsstraat was de herberg en winkel van Toon van Sorge. De man, die op een bijl leunt, is Piet Dingemanse. Rechts op de voorgrond, voor zijn woning, staat kleermaker Jan de Rijke, Daarachter smid Willem Kesteloo.

~apin~~

2. De Schotse hoek omstreeks 1900. Links, op de stoep van zijn huis, staat Toon van Sorge. Op de voorgrond van links naar rechts: Suzan van Sorge, Bietje Minderhoud, Neeltje Paauwe en Tine Bosse1aar. Achter de peuters zien we Ma Lous, de vrouw van Bram Dorleyn en gehee1 rechts ve1dwachter G1erum. De schuur, op de achtergrond, die omstreeks 1929 werd afgebroken, was van Bram Dorleyn.

Molen

Cil:'. 1" . .E. den Boer. l4iddelbtl.t.Jr. _~ ~~_~~_~~~ __ ~ __ ~~~_~_~

Gapinge

3. Korenmolen "De Graanhalm" is in 1896 gebouwd. Een gevelsteen verte1t ons dat de eerste steen werd gelegd op 13 november 1896 door de toenmalige eigenaar, J.K. Verhulst. Deze molen is gebouwd met 120.000 stenen. Ret typische van deze molen is, dat er aan de noordzijde, schuin rechts boven en naast de deur, een hok gemaakt is van houten latten, waarin vroeger de hammen en het spek werden opgehangen. De molen, in 1965 gerestaureerd, is maalvaardig doch niet meer in bedrijf. De foto is kort na de bouw genom en.

4. Op deze foto ziet u de leden van de Christelijk Nationale Werkmansbond, afdeling Gapinge, omstreeks 1910. Deze bond was geen vakvereniging maar een christelijk sociale bond evenals Patrimonium. Zij werd in 1890 te Rotterdam opgericht. De C.N.W.B. had beslist een hervormd karakter, hoewel er te Gapinge ook enkele gereformeerde leden waren, reeds een begin van de oecumene. Volgens de statuten stelde hij zich onder meer ten doelliefde aan te kweken voor de hervormde kerk. Van links naar rechts poseren hier, op de bovenste rij: Jaap van Slooten, Jan Dingemanse, Piet Wisse en Krijn de Nood. Middelste rij: Piet Delbeke, Marien Dingemanse, Jan Mersie, Johannes Vos, Willem Bakker, Christiaan Francke, Levinus Luteyn en Bartel Wattel. Zittend: Willem Kesteloo, Comelis Glerum, voorzitter Comelis Minderhoud, Gerrit Wisse en Pieter Wattel.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek