Veghel in oude ansichten

Veghel in oude ansichten

Auteur
:   A.C.J. van der Plas
Gemeente
:   Veghel
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2787-5
Pagina's
:   120
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Veghel in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

INLEIDING

Wanneer in deze uitgave wordt getracht u, aan de hand van oude foto's en ansichtkaarten, rond te leiden in het Veghel van ongeveer 1880 tot ongeveer 1930, is die poging gedoemd te zijn begrensd door enerzijds het beschikbare materiaal en anderzijds door de omvang van dit-ooekje. Het moest dus een keuze zijn met alle daaraan klevende Ieilen, evenwel toeh met de hoop dat de lezer na het omslaan van de laatste bladzijde zal kunnen beamen: "Ja, zo was het, dat was die goeie oude tijd'.

Zullen de ouderen onder de lezers wellieht met weemoed via de fotos het veri eden zien herleven, de jongeren onder hen zullen misschien moeite hebben in dit werkje Veghel te herkennen, omdat de gemeente zieh in de periode waarover dit boekje handelt ontwikkelde van een plattelandsdorp in 1880 met drieenvliftighonderdacht inwoners tot een levendige plaats met zevenduizendvijfhonderdzesenzestig inwoners in 1930. Dat Veghel in de Meijerij reeds vroeg een plaats van betekenis was blijkt onder andere in een werk uit het jaar 1649, "Besehrijvinge der Stadt en de Meijerije van 's-Hertogen-Bossche', waarin Jacob van Oudenhove van Veghel spreekt als van "een groote plaets" met "vijf uythoecken, Soensvelt, Sitaert, Tarhout, Thavelt, Beyde de Heyden", met zeven schepenen en met een "schoon Huys ofte Casteel, vermaert onder den naam 't Huys te Vechel". En wat te denken van de beschrijving zoals die voorkomt in het in 1848 uitgegeven en door A.J. van der Aa geschreven "Aardrijkskundig woordenboek": "Het is een groot dorp, het schoonste van Peelland, liggende zeer vermakelijk aan de Aa, waarover

hier eene zeer schoone brug van omtrent vijf en twintig treden lang ligt ".

De strategische ligging van Veghel aan land- en waterwegen heeft aanzienlijk bijgedragen aan de ontwikkeling van het dorp. In vroeger eeuwen was natuurlijk de Aa als scheepvaartweg van enig be lang met name voor het vervoer van turf en meststoffen. Het belang van deze rivier verviel als zodanig gehcel door de totstandkoming, tussen 1822 en 1826, van de Zuid Willemsvaart. Toen in 1825 daarnaast het dorp via een kilometer lange haven met de Zuid Willernsvaart werd verbonden, vergemakkelijkte dit de aanvoer van bouwmaterialen, steenkolen, hout en dergelijke waardoor Veghel werd tot een centrum van verkcer, met alleen voor de aanvoer van allerlei benodigdheden maar ook voor de afvoer van produkten van landbouw en veeteelt. De Zuid Willemsvaart bood ook de "strontsehippers" meer gelegenheid tot aanvoer van de mest welke zo hoog nodig was om de van nature wat schrale landbouwgrond op peil te kunnen houden.

Direct na 1860 bloeiden handel en nijverheid. Met name de vlasteelt nam een grote vlucht. Er was bijna geen gezin waar geen vlas werd geteeld en waarvan men, behalve in Veghel, onder andere in Nuenen en Gemert linnen liet weven dat dan jaarlijks op de Bossche St.-Jansmarkt werd verkoeht. De welstand onder de boerenstand was mede hierdoor vrij algemeen. Aan deze handel herinnerden onder andere de namen van een tweetal cafes, namelijk "De Oude Vias- en Graanbeurs" en "De Nieuwe Vlas- en Graanbeurs". Ook "Het Rootven" wijst op de vlasteelt. Ook de boterhandel was druk maar vooral

kan dat worden gezegd van de handel in gemeste kalveren, welke handel, dankzij de aanwezigheid van de haven, in oost-Brabant een zeer voorname plaats innam; het was deze handel die de Veghelaar aan de bijnaam .Jcuus" hielp.

De bloei van handel en nijverheid blijkt ook uit het feit dat in 1865 in Veghel een kamer van koophandel en fabrieken tot stand kwarn, welke kamer t in 1922 werd opgeheven. Van groot belang ook was de totstandkorning, mede door het aetief ijveren daarvoor van het Veghelse gemeentebestuur, van het "Duitse lijntje", de spoorwegverbinding BoxtelWezel. Behalve de aan- en afvoer aan het station was de overslaghandel in de Spoor haven van belang. Ook per tram werd Veghel bereikbaar en wel door een in 1881 verleende eoneessie voor de tramverbinding 's-Hertogenbosch-HelmondVeghel-Oss en een latere eoneessie aan de stoomtramwegmaatsehappij "De Meijerij" voor een tramverbinding in de riehting Eindhoven.

Door dit alles ontwikkelde Veghel zieh gestadig tot een industrialiserende gemeente. Vond in 1899 nog 56,8% van de bevolking zijn bestaan in de landbouw, in 1930 was dat gedaald tot 42,4%; werkten in 1899 in de versehillende bedrijfsklassen vijfhonderdvijfentwintig personen, in 1930 waren dat er zevennonuerddertien,

Durf en ondernemingsgeest is de Veghelaar nooit vreemd geweest. Was immers Veghel niet een der eerste gemeenten

die een eigen gasfabriek bouwden? En bezit Veghel in de in 1863 gereedgekomen Lambertuskerk niet een kerk een kathedraal gelijk? Ook het imponerende, uit 1876 daterende, gemeentehuis is een waardig monument voor de "Parel van de Meijerij".

Enkele gegevens over het burgerlijk bestuur in de periode waarover dit boekje handelt mogen deze inleiding besluiten. In 1880 bestond de gemeenteraad uit elf leden onder voorzittersehap van burgemeester jonkheer V.F.A.H. de Kuyper, die de gemeente als zodanig diende van 1858 tot 1906, toen hij werd opgevolgd door burgemeester A.M. Volker. In 1930 bestond de raad uit dertien leden terwijl de heer F.e. van Lith burgemeester was; deze' vervulde die funetie van 1924 tot 1936 na reeds vanaf 1897 secretaris van de gemeente te zijn geweest. .

Overtuigd van de onvolledigheid van dit boekje bied ik het u niettemin ter lezing aan in de hoop da t daardoor het verleden van onze mooie gemeente enigszins voor u zal herleven. Van velen ondervond ik bij de samenstelling van dit boekje medewerking. Zonder de overigen tekort te willen doen betuig ik graag mijn dank aan het gemeentebestuur van Veghel dat zijn omvangrijk foto-archief te mijner besehikking stelde, aan de heer A. Franssen die mij vele lokale bijzonderheden wist te vertellen en aan de heer S. de Visser die putte uit zijn veertig jaar lange ervaring als secretaris van Veghel.

1. In dit boekje wordt gepoogd in bee1den een doorkijk te geven in het Veghel van toen. Kan dat aanschouwelijker beginnen dan met deze curieuze ansichtkaart uit 1905, to en de derde jaargang van de Veghelse Courant iedere woensdag en zaterdag verscheen tegen een abonnementsprijs van vijfenzestig cent per drie maanden (! ) of, bij vooruitbetaling, van f 2,40 per jaar.

VHGHELSCHH COURANT

Uitgever: W. P.1. de Go~dc.de Grceff v~Grbr3.cScGoc-dc·'U;IlC1-

BO:-.-cx 80:'0 DOQn :IE'!' <;OEDE TOT K£T GOl:DE

2. Op tal van de hierna volgende toto's zijn tramrails zichtbaar en wij zullen ons dan ook maar laten leiden door de tram 's-Hertogenbosch-Helmond-Veghel-Oss die door Veghel pufte via de route Middegaal-Stationstraat-Molenstraat-Hoofdstraat-Heuvelstraat-richting Helmond. De lokomotieven van deze tramverbinding (vanwege het feit dat er door de tram nogal enkele mensen werden overreden "De goede moordenaar" genoemd) droegen namen van de aan de lijn gelegen gemeenten. Hier de lokomotief "Veghel" uit de tientonner serie, die de verbinding onderhield met Helmond. Links staat conducteur J. v.d. Heuvel, midden stoker M. van Veghel en rechts machinist W. Cortjens.

· K. Gasthui

3. We doen eerst het St.-Jozefziekenhuis aan, gebouwd onder het pastoraat van pastoor-deken Hordijk (1903-1920). Op 8 november 1911 werd het nieuwe ziekenhuis officieel in gebruik genomen; in dat jaar bedroeg het totaal aantal opgenomen patienten honderdvijf. In 1935 werd het ziekenhuis belangrijk uitgebreid, terwijl het in 1956 zijn huidige capaciteit kreeg. De foto toont het ziekenhuis direct na de ingebruikneming.

? ?

4. Tot aan de uitbreiding van het ziekenhuis in 1956, waarvoor in totaal vijftienhonderd heipalen nodig waren, liep vanaf de St.-Lambertuskerk een pad (aanvankelijk een zandpad, later verhard) naar de tegenwoordige Gasthuisstraat. Omdat het pad liep in de riehting van de oude wijk "Het Middegaal" werd het pad het Middegaalspad genoemd. Het kwam uit ter hoogte van de huidige aansluiting van de Burgemeester De Kuyperlaan op ue Gasthuisstraat.

R. K .. Jonaen -Patronaae

"'EGHEL

5. Aan het einde van het Middegaalspad werd in 1910 het roorns-katholieke jongenspatronaatgebouwd dat in 1925 werd bestemd tot huishoudschool en tenslotte in 1968, toen het een bouwval was geworden, werd afgebroken. Op het open terrein links voor het patronaat zal in 1933 de nieuwe (huidige) Agnes-kleuterschool worden gebouwd.

6. Tijdens de mobilisatie 1914/18 was in het ziekenhuis ("R.K. Gasthuis" volgens het opschrift boven de ingang van het oudste gedeel te) een Roode Kruispost ondergebracht. In 1918 bfj voorbeeld werden in het ziekenhuis tweehonderdachttien militaire patienten opgenomen. De foto toont prins Hendrik der Nederlanden bij een bezoek aan de Roode Kruispost, De wazige vlekken op deze amateurfoto zijn het gevolg van het feit dat de foto vanuit het publiek, dat in groten getale aanwezig was hoewel aan het bezoek geen ruchtbaarheid was gegeven, werd gernaakt. De aanwezige beroepsfotografen was het verboden zijne koninklijke hoogheid en zijn gevolg te fotograferen.

Cafe Corn. v . Berkel, Middegaal Veghe: .

..-.:-: - '::

--

7. Het uiterst linkse pand is cafe Van Berkel. Rechts van het cafe was een particuliere waag voar het wegen van kalveren en varkens; in 1927 kreeg Veghel bij het nieuwe slachthuis een gemeentewaag. Het witte huis rechts is cafe Van Zeeland. Toen de heer Van Berkel zijn zaak wilde verbouwen was hij bang zijn drankvergunning te verspelen, reden waarom hij de nieuwe zaak over de oude heenbouwde. Achter de bornen midden op de foto za1 in 1910/11 het nieuwe ziekenhuis worden gebouwd.

8. Plaatselijke sportverenigingen die honderdvijf jaar bestaan treft men zelden aan. Zo'n vereniging was de handboogsehutterij "Amicitia" die, opgerieht in 1841, in 1946 werd ontbonden. De vereniging had haar doelen bij cafe Van Berkel, Zittend van links naar rechts: Tinus Verhoeven (timmerman), Henri v.d, Heijden (kleermaker), Pieter v.d. Laar (schilder), Jan Kerkhof (wever) en J. v.d. Pol (kuiper). Staande van links naar rechts: Hendrik van Brederode (timmerrnan), Martinus Gilsing (tirnrnerrnan), Jantje v.d, Heuvel (metselaar), Antoon v.d, Mosselaar (wever), Willem Barten (koperslager), Gerard Smulders (kleermaker) en Roelof v.d. HeuveJ (metseJaar). Achteraan van Jinks naar reehts: Piet van Dooren (wever) en Naris v.d. Berg (smid).

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek