Venlo in oude ansichten

Venlo in oude ansichten

Auteur
:   W.Th.M. Hendriks
Gemeente
:   Venlo
Provincie
:   Limburg
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2499-7
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Venlo in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

door

W.Th.M. Hendriks Gemeentearchivaris van Venlo

Achtste druk

Europese Bibliotheek - Zaltbommel MCMLXXXIII

In deze uitgave is ook opgenomen Blerick, dat dertig jaar geleden nog deel uitmaakte van de gemeente Maasbree.

W~OEN

OEKJE

ISBNlO: 90 288 2499 5 ISBNI3: 978 90 288 2499 7

© 1973 Europese Bibliotheek - Zaltbommel

© 2008 Reproductie van de achtste druk uit 1983

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfihn of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

Europese Bibliotheek Postbus 49

5300 AA Zaltbommel telefoon: 0418 513144 fax: 0418 515515

e-mail: publisher@eurobib.nl

IN LEIDING

Dit kleine "ansichtenboekje" handelt over "Ald Ven10 wie 't reilde en zei1de" in de periode 1867-1937. Het tracht een aanschouwelijk beeld te geven van de voorspoedige ontwikkeling die de stad in die tijd op ve1erlei gebied heeft doorgemaakt.

Het bes1uit van koning Willem III van 29 mei 1867, inhoudende de opheffing van de vesting VenIo, werd door de Venlonaren met vreugde begroet.

Bevrijd van een hinderlijk keurslijf van dikke muren, diepe grachten en hoge wallen, kon de Va1uasstad zich we1dra voorspoedig ontwikke1en.

Op de voormalige vestingterreinen verrezen in korte tijd ruime woonwijken en ging men over tot de aanleg van twee fraaie parken, het zogenaamde "K1ein Park" buiten de Ge1derse Poort en het "Villapark" op de gronden van het voormalige fort Ginkel.

In het begin van deze eeuw en tussen de beide oorlogen heerste grote bouwactiviteit aan de periferie van de oude binnenstad, voora1 op de voormalige militaire terreinen (voorheen in gebruik a1s kazerne voor de Huzaren), welke de stad door ruiling van grond met het Rijk in eigendom gekregen had.

De komst van het gas (1862), van water (1889) en elektriciteit (1912) bracht vee1 vooruitgang. Door de aan1eg van een moderne rio1ering in 190 1 hoefde het huis- en hemelwater en ander vloeibaar vuil voortaan niet meer door open goten langs de huizen te worden afgevoerd. Met voortvarendheid ging het stadsbestuur over tot de sanering van het oudste stadsdeel, ge1egen rond Hetje, Ko1enstraat en Wijngaardstraat. Venlo was de eerste gemeente in Nederland, die haar bouwverordening vo1gens de woningwet zag goedgekeurd.

Het eerste Venlose "gasthuis", dat in 1861 op het voorma1ige kloosterterrein van de Kruisheren aan de Begijnengang gesticht werd, kreeg in 1895 een belangrijke uitbreiding en werd in 1933 door een groot modern ziekenhuis aan de Hogeweg vervangen.

De gunstige ontwikkeling van Ven10 in de vorige eeuw heeft een sterke uitbreiding van het inwoneraantal tot gevo1g gehad. Bedroeg dit laatste in 1867 ruim 8.000, in het begin van deze eeuw was dit aantal reeds met meer dan 10.000 toegenomen. In 1937 te1de Ven10 ruim 27.000 inwoners.

De Venlose tuinbouw is reeds op het einde van de vorige eeuw tot bloei gekornen, o.a. sterk bevorderd door het in 1884 gestichte land- en tuinbouwcasino en later, na 1900, door de beide veilingen, de V.V.V., dat de Venlosche Veiling Vereeniging (1908), en de C.V.V., de Cooperatieve Venlosche Veilingvereeniging (1915).

Reeds in de vorige eeuw kondigde zich een nieuwe tijd aan in de komst van moderne industrieen. In 1889 verrees aan de Hamburgersinge1 een gloeilarnpenfabriek, de N.V. Pope, gesticht door de Engelsman Sir Frederic Robert Pope uit Liverpool. In een der oude Venlose apotheken werd in de zeventiger jaren de grondslag ge1egd voor de boterkleurselfabriek "Van der Grinten". De firma Bontamps, reeds in de 18de eeuw vermeld, stichtte omstreeks dieze1fde tijd een enveloppenfabriek. Deze kreeg een wereldnaam. In 1919 vestigden de bekende Zeisswerke uit J ena te Venlo een instrumentenfabriek, die vo1gens de bepalingen van het Verdrag van Versailles niet binnen de grenzen van het Duitse Rijk mocht worden opgericht.

De voorspoedige ontwikkeling van Venlo in de vorige eeuw was mede het gevolg van het feit, dat deze stad uit haar verkeersisolement verlost werd. In 1865 werd de eerste spoorlijn Venlo-Roermond-Maastricht geopend. Eind 1866 reed de eerste trein op het traject Venlo-Helmond over de nieuwe Maasbrug en ook op het traject Venlo-Viersen. In 1883 werd een spoorverbinding met Nijmegen tot stand gebracht.

De heer August Wendehorst moderniseerde in 1910 zijn paardetram Venlo-Tegelen-Steijl en maakte van de Benzolmotor Deutz gebruik als trekkracht in plaats van paarden. De buurtspoorwegen open den in 1912 (tram Venlo-Helden) en in 1913 (Maasbuurtspoorweg: Venlo-Nijmegen) goede verbindingen met een uitgestrekt omliggend gebied.

In 1930 kwam prins Hendrik naar Venlo om de nieuwe Maashaven plechtig te openen.

De belangrijke bevolkingsaanwas in betrekkelijk korte tijd had ook een uitbreiding van de kerken tot gevolg. De Sint-Nicolaaskerk, de voormalige kloosterkerk van de Kruisheren aan de Klaasstraat, werd in 1879 hersteld en als succursaalkerk van de Sint-Martinusparochie in gebruik genomen. Buiten de Roermondse Poort werd in 1914 de O.L. Vrouwekerk, het eerste Godshuis "buiten de muren", plechtig gewijd. Korte tijd later werd zij de tweede Venlose parochiekerk. In de twin tiger en de dertiger jaren volgden nog twee nieuwe kerken, toegewijd respectievelijk aan het H. Hart en de H. Familie. In het oostelijk stadsdeel aan de Maagdenberg hebben de paters Franciscanen ruim een halve eeuw geleden de zielzorg op zich genomen. Ook op het gebied van het onderwijs bleef de stad

niet achter. De legendarische onderwijzer August Mostart werd in 1883 hoofd van de l e Open bare School aan de Goltziusstraat. Een aantal Zusters van Liefde uit Tilburg en Broeders van de Onbevlekte Ontvangenis van Maria uit Maastricht kwamen naar Venlo (respectievelijk in 1856 en 1894) en stichtten daar een aantal bijzondere scholen voor het lager onderwijs. Op het landgoed Casino aan de Kaldenkerkerweg vestigden Duitse Zusters Ursulinen een pensionaat en later een meisjesschool. Ook het middelbaar onderwijs kwam verder tot ontwikkeling. In 1880 werd de Gemeentelijke Hogere Burgerschool aan de Markt voor het stadhuis in een Rijks Hogere Burgerschool omgezet. In 1890 ging deze een nieuw schoolgebouw betrekken aan de Goltziusstraat. Haar oude behuizing aan de Markt werd toen overgenomen door het nieuwe Progymnasium, dat korte tijd later, in 1904, aan de Hogeweg een eigen schoolgebouw stichtteo Dank zij het onvermoeide ijveren van Dr. W. Nolens kon reeds 1 mei 1904, in tegenwoordigheid van de Commissaris der Koningin in Limburg en vele autoriteiten, aan de Tegelseweg een ambachtsschool voor 75 leerlingen worden geopend.

Op het gebied van het culturele leven was er te Venlo reeds in de vorige eeuw een verheugende activiteit, vooral wat de beoefening van vocale en instrumentale muziek betreft. Daarvoor zorgden de oude muziekgezelschappen Harmonie (opgericht in 1836) en de Fanfare (in 1855 ten doop gehouden), de Liedertafel Orpheus en het Gemengd Koor, die in 1907 onder de naam Venlosche Concertvereniging samengingen, en niet het minste het mannenkoor Venlona, dat in 1900

door de eminente musicus Willi Geyr werd opgericht. Ook de Societeit Prins van Oranje, gestart in 1866, was zeer actief. In 1910 betrok zij een nieuw concertgebouw op het terrein van de vroegere herberg St. Anna aan de Ka1denkerkerweg. De R.K. Open bare Leeszaal en Bibliotheek, die in 1918 zijn poorten opende, zorgde voor een eerste en nuttige lectuurvoorziening van een brede groep Venlonaren,

Men noemt Venlo van oudsher de stad van p1ezier, niet op de laatste plaats dank zij de activiteiten van het oude en gerenommeerde vastenavondgezelschap Jocus, dat de Venlonaren op gezette tijden verblijdde met .Klatergold en perlewien, met hertevol van zonneschien! ". Echter ook dank zij de vele mogelijkheden tot ontspanning en feestvieren, die Venlo bood in zijn vele bekende hotels, cafe's en restaurants: Cafe en Restaurant National en Hotel Germania aan de Keulse Poort, Cafe Central en Amicitia aan de Markt voor het stadhuis, Cafe en Restaurant Suisse, de Hotels de Gouden Arend en de Landskroon aan de Vleesstraat. Cafe Restaurant Zur Guten Quelle en de Gouden Tijger aan de Lomstraat. Vrolijke stemming heerste er in de danszalen Vervoort in de Parkstraat, Kulkens aan de Grote Beekstraat en Haenen in de Heutzstraat. De oude Venlose volkssport, het beugelen, werd hartstochtelijk beoefend behalve op enkele ban en in de binnenstad, in "De Beurs" en hij "De Witte" op de Parade, hoofdzakelijk in de buitencafe's: in de Hazewind, Sint Urbanus en Cafe Jentjens. Er was vroeger ook een behoorlijke zorg voor de Open bare Orde. Een groep toegewijde dienaren van Hermandad zorgde voor handhaving van rust

en veiligheid. Dit korps bestond in het begin van deze eeuw uit een commissaris, twee hoofdagenten, een veld wachter en zes agenten.

Kort na 1900 heeft men de beide nachtwakers Hulsman en Seroe "als hebbende voor de nachtelijke veiligheid, waarvoor zij bestemd waren, geen waarde meer" op non-actief geste1d.

OUD BLERICK

Het op de westelijke oever van de Maas gelegen Blerick, voor de Franse tijd een heerlijkheid en sinds de dagen van Napoleon tot aan de jongste wereldoorlog (vereniging met Venlo) deel uitmakend van de gemeente Maasbree, is in zijn ontwikkeling de eeuwen door geremd door zijn ongunstige ligging voor de muren en wallen van een vestingstad.

Ook Blerick is pas een eeuw geleden gaan groeien. Het dankt zijn voorspoedige ontwikkeling, die dan inzet, niet op de laatste plaats aan de vestiging en uitbreiding van de Centrale Werkplaats der Nederlandse Spoorwegen en de komst en groei van enkele industriele ondernemingen: o.a. draadfabrieken, ijzergieterijen en een steenfabriek. De oude ijzergieterij van de firma Hillen telde in 1884 omstreeks 100 arbeiders. In 1916 werd zij overgenomen door de Gebr. Holthuis. De groei van Blerick manifesteerde zich in een sterke bevolkingsaanwas: in 1882 telde Blerick slechts 2041 inwoners, in 1899 reeds 3438 en in 1911 zelfs 5516 (in 12 jaar dus een toename van 60 procent).

Er werden nieuwe kerken gebouwd: een St.-Antoniuskerk in 1898, een St.-Lambertuskerk en St.-Jozefkerk (Hout-Blerick) in 1934. Er kwamen mod erne scho1en. In 1912 verrees op de terreinen van het voormalige fort St.-Michie1 de nieuwe Frederik Hendrik Kazerne. Met grote 1uister vierde Blerick in 1931 de St-Anteniusfeesten, bij ge1egenheid van het zevende eeuwfeest van de H. Antonius van Padua. Een groot succes werd de eerste Blerickse Middenstands-, Land- en Tuinbouwtentoonstelling in september 1932.

Er was vooruitgang allerwegen, het verenigings1even b1oeide. Bij alle vooruitgang echter b1eef Oud B1erick een oord van rust, gezelligheid en gernoedelijkheid. De oude ansichten en foro's, in dit "bee1denboek" gereproduceerd, zijn voor het grootste gedeelte af-

komstig uit het Venlose stadsarchief.

De nummers 15, 17,27,28,29,31,32,34,37,41, 45,46,48, 51,53,94,106,107,108,109,116,127, 132, 148 en 149 zijn uit particulier bezit.

Bij de sam ens telling van dit boekje moesten wij ons beperken tot een keuze uit een rijk materiaal. Niet alle facetten van de stad van vroeger konden in bee1d worden getoond.

Men beschouwe deze uitgave a1s een bescheiden bijdrage tot de kennis van Oud Ven10 en Oud Blerick. Aan al degenen, die hun medewerking verleenden door het beschikbaar stellen van foto's en kaarten, w.o. de heer J. Symons te B1erick, betuigen wij op deze p1aats onze erkentelijkheid.

,I,. 'C. S 'C' ?? lG51i

1. Onze wandeling door Oud-Venlo begint bij het station. Bijna honderd jaar oud is het spoorwegstation geworden, dat in 1865 aan de zuidzijde van de stad op vestingsgrond gebouwd werd. Vandaar vertrok in genoemd jaar de eerste trein naar Maastricht. Daar was het beginpunt van de spoorlijnen naar He1mond en Viersen (1866), naar Kempen (1868), naar Wezel (1875) en Nijmegen (1883). Het rijtuig met paard links wacht op reizigers voor een rit naar de stad of haar omgeving.

2. Zestig jaar geleden vond men bij de ingang van de Stationslaan, op de hoek Oostsingel en Keulschestraat, hotel Pollen: "Cafe en Restaurant, Bondshotel voor H.H. Wielrijders, Stalling voor paarden en rijtuigen". Links.bij het begin van de Oostsingel.een hondekar.

Vento.

Keulschelaan

Hot, \';Ihelmina

3. De opvolger van Pollen, de heer W. Piller, gaf een halve eeuw geleden zijn hotel aan de Keulschelaan de naam "Hotel Wilhelmina" en liet het belangrijk moderniseren.

4. In 1905 lag het Oranje Hotel, bij de ingang van de Panhuisstraat, nog aan de Keulscheweg. De naam van deze oude weg (1839-1843 opnieuw aangelegd) herinnert aan de belangrijke handelsweg Venlo-Keu1en. In de grate stad Keulen aan de Rijn kent men nog een Venloer Strasse en een Venloer Tor. Te Venlo vindt men een Keulse Poort en een Keulse Barriere.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek