Warga in oude ansichten

Warga in oude ansichten

Auteur
:   R. van Wijngaarden
Gemeente
:   Boarnsterhim
Provincie
:   Fryslân / Friesland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4142-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Warga in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Warga, dat in de oude kronieken als Rawier wordt vermeld is ontstaan aan de kmising van twee nagenoeg loodrecht op elkaar staande vaarten, namelijk de noord-west lopende hoofdvaart van Grauw naar Leeuwarden en de cost-west lopende Foudering en voormalige oude vaarweg van Wartena naar de Middelzee. Op dit kruispunt en aan deze waterwegen heeft zich in de loop der eeuwen het dorp Warrega, zoals het vroeger werd genoemd, ontwikkeld , Het was omringd door laaggelegen land, dat 's winters geregeld onder water stand. Verder lag het tussen drie meren, namelijk zuidelijk het Grate Wargaasterrneer, oostelijk het Jornahuistermeer, beide drooggemaakt omstreeks 1636 en noordelijk het Hempensermeer, drooggemaakt in 1785.

Water, overal dus water en het was in het begin van deze eeuw geen uitzondering dat in de huizen op de Hilleburen 's winters het water in de kamers stand. Na de bouw en ingebmikstelling van het Ir. Woudagemaal in Lemmer behoorde dit gelukkig tot het verleden. Werd het dorp, zoals te verwachten was, eertijds bewoond door vissers en handwerkslieden, ook de

adel liet zich niet onbetuigd. Op een terp even buiten het dorp werd omstreeks 1450 door de farnilie Roorda een state gebouwd. Volgens een oude boedelbeschrijving was het in 1560 een prachtige stins, in vroeg-renaissancestiil opgetrokken en gelegen tussen slotgrachten en tuinen. Hoewel sterk ontluisterd en vervallen wordt het overblijfsel heden ten dage nog bewoond en is bekend aIs het "aId slot".

In de negentiende eeuw werd het dorp verrijkt met de bouw van drie grote oliemolens die langs de dorpsvaart verrezen. Met de reeds aanwezige korenmolen was het silhouet van het dorp zeer schilderachtig. Twee oliemolens hebben de eerste wereldoorIog overIeefd, de andere waren Of door brand verwoest Of door slopershanden verdwenen. Was het verkeer praktisch geheel op het water aangewezen, in 1851 veranderde dit ten dele toen de grintweg van Warga tot .Jret Goutumer pypke" werd aangelegd. Een grate verandering vond plaats toen aan het eind van de zestiger jaren van de vorige eeuw een weg naar Wartena werd aangelegd, met als achterland geheel zuidcost-Friesland. Tot en met de twintiger jaren van deze

eeuw zag men in de herfst op donderdagmiddagen grote kudden Drentse schapen in Warga komen, die hier overnachtten om de volgende morgen in aile vroegte te vertrekken om op de Leeuwarder veemarkt verhandeld te worden. Aan deze nieuwe weg en de Leeuwarderweg zien we eind vorige en begin deze eeuw de verdere uitbreiding van het dorp. Had in de middeleeuwen de verbinding van het westelijk van de hoofdvaart gelegen gedeelte met het oostelijk gedeelte plaats door middel van eenpersoons draaibruggetjes, het Zuider- en het Noorderholt, allengs werden deze vervangen door de kleine brug en de grote brug, waarvan de eerstgenoemde nog geen twee meter breed was. Daar er bij beide bruggen tol betaald moest worden, kregen de Warga asters de scheldnaam van "bregebidlers" (brugbedelaars).

Een industrie die op het laatste van de vorige eeuw Warga's naam tot ver in het buitenland bracht, was de schaatsenindustrie. Het schaatsenmaken, alles handwerk, verschafte 's winters aan vele handen werk. Op buitenlandse ten toonstellingen werden Wargaaster schaatsen meerdere malen bekroond en ze waren dan

ook zeer beroemd. Ook het schoenmaken en het leerlooien werd door vele handwerkslieden in het dorp beoefend. Een voor de tegenwoordige bloei van het dorp beslissende gebeurtenis yond plaats in 1886, to en drieentwintig Wargaaster boeren tijdens de grote economische crisis van die jaren de eerste cooperatieve zuivelfabriek in ons land stichtten. In 1936 is de fabriek overgegaan naar de Frico, welke in het dorp een van de grootste botermakerijen van Europa heeft laten oprichten. Nauw verbonden hiermee is de centrale melkinrichting, welke, uitgezonderd Leeuwarden, geheel Friesland de Noordoostpolder en een gedeelte van Groningen van consumptiemelk etcetera voorziet en aan een kleine driehonderd mensen werk verschaft.

Hoewel de geschiedenis uiteraard zeer beknopt is beschreven, hoop ik dat het voorgaande de belangstelling van de lezer heeft gewekt om de nu volgende oude ansichten met genoegen te bekijken. Ik twijfel er niet aan dat menig oudere lezer met enig heimwee aan die "goede oude tijd " zal terugdenken.

1. Vanaf het midden der zeventiende eeuw tot omstreeks 1923 was het belangrijkste punt van het dorp de los-, laad-, en ligplaats van het veerschip (tot 1890) en dat van haar opvolger de stoomboot. Deze plaats, hiernaast afgebeeld, kreeg in de loop der eeuwen de wijdse naam "haven". De bomen die we zien kwamen "de havensbornen" te heten. Tussen twee van deze bornen stond "de havensbank", de dorpsleugenbank. Links zien we het reeds lang verdwenen huis van dokter Hansma.

2. De havensbank omstreeks 1908. Daar zitten ze, de wroeters van we1eer. Het zijn van links naar rechts: Joh. Swart, verver; Jan W. Kooistra, aannemer grondwerken; Roelof de Vries, timmerknecht; Meine 1. de Jong, arbeider; Fokke de Boer, arbeider: Jacob van der Velde, huisslager; Anne Tj, Terpstra, timmerknecht; Thomas Oevering, keuterboer; Hotze Elzinga, arbeider; G. Pool, smid; Jan Jochums Venema, arbeider en Ouwe Leeuwen, aardappelschipper.

Groote '"Brug

Warga

3. De boot is vertrokken; de kar waarmede de kazen en de vaten boter uit de fabriek zijn vervoerd is achtergebleven. Achter de kar zien we bij ,het havenstek" het bord met aan de vaartzijde de tarieven voor de scheepvaart; aan de straatzijde is gelegenheid tot het aanbrengen van officiele mededelingen. De mooie houten ophaalbrug is door "oude Graddus" weer neergelaten. De petroleumlamp, waarvan er vierentwintig in Warga waren doet nog dienst. Ret "nieuwe licht" kondigt zich echter reeds aan.

4. Voordat we het dorp ingaan nog eenmaal de haven en de vaart zoals die zich door het dorp slingert, met op het eind de kleine brug. Links van de vaart zien we de aehtererven van de woningen van de Groteburen en reehts de bebouwing van de Kleine Buren. Links onder de bomen zit iemand op de havensbank. De man met de fiets is post bode Van der Wey en het meisje op "het havenstek" is Janneke Faber.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek