Wormer in oude ansichten deel 1

Wormer in oude ansichten deel 1

Auteur
:   I.P. Kuijper
Gemeente
:   Wormerland
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3476-7
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Wormer in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Wormer, het eeuwenoude dorp met zijn ongeveer vier km lange weg, telde omstreeks de eeuwwisseling nog geen tweeduizend inwoners. Hoewel officiele straatnamen ontbraken, werd door de bevolking toch weI een onderscheid geschapen. Zo kende men het Oostend, waarmee als regel hetdeel ten oosten van het gemeentehuis werd aangeduid, de Dorpsweg met zijn monumentale iepen in de berm langs de wegsloot, waarvan de takken hier en daar tot op de daken van de huizen aan de noordzijde neerhingen, en de bruggetjes over de sloot naar de boerderijen of huizen aan de zuidzijde - en het Zandpad, bewesten de Schanssloot, voorzien van een "paardepadje" van een halve meter breed, met aan de noordzijde een smal slootje, aan de overkant waarvan slechts twee boerderijen en een enkel woonhuis stonden en aan de zuidzijde de bredere Zandpadsloot met aan de overkant landerijen, die zich uitstrekten tot de dijk langs de Zaan. Later werd het slootje aan de noordzijde gedempt en het "paardepadje" vervangen door een wat bredere straat.

De berm tussen Dorpsweg en sloot bevatte veel "boenwalIetjes'', waarop de vrouwen uit de tegenoverstaande woningen de "pilo broeken" en "blauwe kielen" van hun mannen schrobden met boender, groene zeep en het water uit de sloot.

De gezapige rust van dit dorpstafereel werd slechts af en toe verbroken door het gejoel van spelende of naar school gaande kinderen, het bekken en de stem van dorpsomroeper jveldwachter Leendert Bekkem of, later, Hendrik van Linge, En vooral dinsdags, als de boeren uit de omtrek

vanaf's morgens vijf uur in hun bak- of kapwagens naar de markt in Purmerend trokken. Het aanzwellende en wegstervende kleppen van de paardehoeven, het ratelen van de ijzeren wielbanden van de wagens over de rijk van oneffenheden voorziene straatweg vormde een wekelijks gebeuren, dat gevolgd werd door een paar uren stilte, waarna hetzelfde geschiedde in omgekeerde richting, doch over een vee! groter tijdvak verdeeld, aangezien de weg van Purmerend via Neck, lisp en oostelijk Wormer vele "herbergen" tel de ... !

AIs's avonds lantaarnopsteker Piet Nooij of - na 1901 Kees Nanning zijn ronde had gedaan met ladder en haak (vanaf 1885 bestond de straatverlichting uit een twintigtal petroleumlantaarns; pas in 1912 werd de gasfabriek gebouwd en kreeg Wormer gasverlichting), daalde over Wormer de volledige rust, die slechts werd verstoord door wat late dorstigen of... als wegens brand door bekkenslag de bevolking werd opgeschrikt. Dan kwamen brandrneessters, spuitgasten en de nodige belangstellenden uit hun woningen gerend om met Wester- en Oosterspuit (de beide handbrandspuiten die het dorp rijk was) te trachten te redden wat te redden viel,

V oor de jammerlijke afbraak van de Beschuitstoren in 1896 (de gemeente kon geen 1700 gulden opbrengen voor de restauratie,hoewel reeds van elders 750 gulden aan bijdragen was toegezegd) was dat brandalarm de taak van de uit 1620 daterende luidklok in genoemde toren.

Wat zoudie Beschuitstoren - die voor 450 gulden ter arnotie werd verkocht - een aparte bekoring hebben kunnen ge-

yen aan het beeld van het latere Wormer! Voor geschiedenis en betekenis van de toren verwijzen wij naar het boek van oud-gemeentesecretaris C. Mol: "lJit de geschiedenis van Wormer".

Behalve het Herenlaantje en het korte Kerkstraatje naar de hervormde kerk in het Oostend en het via de "dam" (in de wegsloot) bereikbare Zaandammerpad kende Wormer geen zij straten. Achter de woningen aan beide zijden strekten zich de landerijen uit, noordelijk naar Poel, Zwet en Marken, zuidelijk in de richting van Zaandam, waar nog ettelijke molens hun machtige wieken door het luchtruim deden suizen.

Aan een enigermate geisoleerde Jigging van Wormer kwam in 1889 een einde, doordat de gemeente W ormerveer een brug over de Zaan liet bouwen en op Wormer' grondgebied een daarop aansluitende weg naar het Zandpad aanlegde. De beide overzetveren (Zuiderveer en N oorder- of Wormer'veer, aan welk laatste in vroeger jaren Wormerveer zijn naam ontleende) verloren daarmee het grootste deel van hun betekenis. Pas in 1937 zou de weg naar de Zaanbrug (Nieuweweg of Wormerlaantje) door Wormer in beheer worden overgenomen.

In 1912 werd een aanvang gemaakt met de demping van de wegsloot, waarmee wei het drukker wordende verkeer werd gediend, maar de schoonheid van het dorp verdween. Het wapen van Wormer (in de volksmond "Verbonden Hoofd") was en is nag steeds onderwerp van discussie, omdat nog nooit vastgesteld is kunnen worden, wanneer en hoe het ontstond. Meest verbreide lezing: Christus-

hoofd, waarvan doornenkroon tot hoofddoek werd gestyleerd. Volgens anderen een morenk op, waarnaar de herberg Het Moeriaenshooft werd genoemd; weer anderen beweren dat het 't hoofd van een Westfries overste is, die sneuvelde in de strijd tegen Floris V en tenslotte, als vierde mogelijkheid, het hoofd van een Wormer' weesjongen, die met gewond hoofd verder streed tegen de S panj aarden, die in 1574 Wormer belegerden.

Van de ongeveer 65 (meest verf- en olie-) molens die eens in Wormer stonden, was er tijdens de eeuwwisseling nog een tiental over. Van zeer grote betekenis mogen wij de papiermolen De Eendragt noernen, later vervangen door een fabriek, die de bakermat werd van het grote concern Van Gelder Zonen's Koninklijke Papierfabrieken. De molen werd afgebroken in 1889 en als korenmolen opgebouwd te Ernst a p de Vel uwe.

Bekend was ook de "buullakenweverij" van W outer van Klcef', die aan het eind van de negentiende eeuw gezelschap kreeg van de weverij van Maarten Koster. Het dorp teJde voorts veel, meest zeer kleine, kruideniers- en andere winkels, benevens ambachtelijke bedrijven.

Dit is, in korte trekken, beeld en karakteristiek van het Wormer tijdens en rond de eeuwwisseling. Dorp met een rijk verleden, gevolgd door een periode van diep verval, een geschiedenis, waard om er nader kennis mee te rna ken. Eerder genoemd boek kan daaraan in ruime mate tegemoetkomen.

1. Oliemolen De Veerschuit stand naast het Noorderof Wormer' veer, in 1918 vervangen door een houten fabriek, gelijkend op een enorme kist. In 1933 verbrandde dat foeilelijke geval.

Wormef

Molen

2. Rijst- en gortpellerijen aan de dijk langs de Zaan. Minder fraaie vervangers van de gedurende de negentiende eeuw verdwenen molens.

3. Nieuweweg of W ormerlaantje, de in 1889 door W ormerveer aangelegde weg van Zaanbrug naar Zandpad. Op de achtergrond is vaag zichtbaar het sportterrein, waarop verschillende voetbal- en k orfbalverenigingen speelden, onder andere een club, die in de volksmond de naam "las uit" droeg!

met Dckterswoning

4. Bij de "viersprong" Nieuweweg-Zandweg-Knollendammerstraat (van laatstgenoemde straat begon de bouw omstreeks 1915). Tijdens de bouw van de eerste huizen langs het "Laantje" verrezen overde slootjes aan beide zijden bruggetjes.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek